Direct naar de inhoud
Word lid

Fotoreportage: mijn abortus

Type content: Nieuws Categorieën: Baas in eigen buik Gepubliceerd op:

Of het nu vijf of vijftig jaar geleden is; je abortus vergeet je nooit, en ook niet de afwegingen die je toen maakte. Want geen vrouw die lichtzinnig denkt over het afbreken van haar abortus. “Niemand kan of mag de arrogantie hebben om te denken dat hij die beslissing voor jou kan nemen, welke kant dan ook op.”

Rebekka abortus

Rebekka Roozendaal (33) is humanistisch geestelijk verzorgster, getrouwd, moeder van twee zoons (3 jaar en 7 maanden oud). Ze onderging op haar vijftiende een abortus.

“We waren jong en onhandig. Er moet iets mis zijn gegaan met het condoom. Toen ik zwanger bleek te zijn, werd meteen voor mij een afspraak gemaakt bij een abortuskliniek. Maar voor mij was het niet zo vanzelfsprekend. Ik had in de weken voordat ik de zwangerschapstest deed mooie dromen gehad over een kindje voor wie ik zorgde: een jongetje, met blonde haren en blauwe ogen. Daar kon ik niet meteen afstand van doen.

De wettelijke vijf dagen bedenktijd heb ik echt nodig gehad. Wat me het meeste hielp, waren de gesprekken die ik met vriendinnen had. Met twee van hen heb ik lange dagen op het strand doorgebracht. Zij hadden geen idee van wat ik moest doen, dat was fijn, ze lieten me praten of gewoon stil zijn. Aan het einde van de tweede stranddag voelde ik: ik zou het moederschap best aankunnen. Dat was een heel belangrijk moment, denk ik achteraf gezien. Ik had het gevoel nodig dat ik moeder zou kunnen worden om óók te kunnen denken: maar nu liever nog niet. Anders was het geen keuze geweest, maar doen wat er van me werd verwacht.

Mijn vriend ging mee naar de abortuskliniek. Ik keek mee naar de echo die werd gemaakt en ook het vruchtje wilde ik zien toen dat eruit was. Het was een opluchting dat er eigenlijk niks te zien was. Ik zag een heel klein puntje, waarvan me werd verteld dat dat het embryo was. Het was gewoon een puntje.

De wettelijke vijf dagen bedenktijd heb ik echt nodig gehad. Wat me het meeste hielp, waren de gesprekken met vriendinnen.

Ik ben een gespreksgroep gestart voor vrouwen die ooit een abortus hebben ondergaan en de levensvragen die dat kan oproepen. Ik ben op dit moment dus bezig met het onderwerp, maar niet vanuit een trauma. Dankzij die abortus heb ik ook mijn eigen kracht kunnen ontwikkelen, die ik nu kan doorgeven aan mijn kinderen.

Op iedere werkplek die ik heb gehad, ontmoette ik vrouwen die ook een abortus hebben ondergaan of onbedoeld zwanger zijn geraakt. Het is niet iets dat een enkeling overkomt. Als mensen er niet meer over zouden fluisteren maar ervoor uit zouden komen, zouden we dat weten. Het is een fundamenteel deel van ons mens-zijn dat je zwanger kunt raken, ondanks voorbehoedsmiddelen. Het kan en het gebeurt. En dan zal je er mee moeten dealen, in volledige vrijheid. Niemand kan of mag de arrogantie hebben om te denken dat hij dat voor jou zou kunnen doen, welke kant dan ook op.”

Anne fleur abortus

Anne Fleur Dekker (24)  is opiniemaker en publicist. Op haar negentiende onderging zij een abortus.

“Ik ben niet voor abortus, ik ben voor de vrijheid om de keuze voor abortus te maken. Iedereen moet kunnen kiezen wat zij wil. En als je eenmaal die soms moeilijke keuze hebt gemaakt, moet je goed, snel en op een neutrale manier geholpen kunnen worden. Niemand vindt het leuk om een abortus te ondergaan, ik denk ook niet dat er heel lichtzinnig over moet worden gedaan, maar het scheelt wel als het geen taboe is en je je er niet alleen in hoeft te voelen. Want het gebeurt nu eenmaal, ook bij niet-westerse vrouwen en vluchtelingenvrouwen. Bij hen is het nog een veel groter taboe.

Toen ik zwanger bleek te zijn, studeerde ik nog, had ik geen stabiel leven en ook geen relatie met de jongen van wie ik zwanger was. Ik zag niet hoe ik zo een kind kon opvoeden en was er dus al snel uit dat ik een abortus wilde. Via google kwam ik eerst bij de FIOM terecht en vervolgens bij de huisarts die me naar een abortuskliniek verwees. Voorafgaand aan de ingreep een week later was er een gesprek met een verpleegkundige. Ik begrijp wel dat er vragen worden gesteld om te kijken of er geen dwang in het spel is, maar ik vond het toch een vervelend gesprek.

Ik schaam me niet voor mijn abortus. Maar ik heb me er wel voor geschaamd dat ik me er niet voor schaamde.

Het leek alsof ik ontmoedigd werd, ook door de foto van de echo die me werd voorgehouden. Bovendien moest ik een officiële verklaring ondertekenen waarin stond dat ik dit echt wilde. Het was bijna alsof ik de staat moest meedelen: deze nieuwe burger komt er dus niet. Ik geloof niet dat het verkeerd bedoeld was, maar ik ervoer het wel als intimiderend, zeker in een zaal met meerdere vrouwen van wie sommigen aan het huilen waren.

De abortus vond daarna plaats door middel van een zuigcurettage en een roesje. Ik moest er een paar dagen van bijkomen, maar dat was het. Ik schaam me niet voor mijn abortus en ik heb er ook geen spijt van. Maar ik heb me er wel voor geschaamd dat ik me er niet voor schaamde. Het wordt je zo opgedrongen. Was er iets mis met mij dat ik er niet heel zware gevoelens over had? Maar die had ik gewoon niet. Met een kind had ik nooit alle toffe dingen kunnen doen die ik nu doe. Het voelt nog steeds als een juiste keuze.”

Liddie austin abortus

Liddie Austin (59), getrouwd, drie kinderen, onderging op haar twintigste een abortus. 

“Ik heb altijd geweten dat ik geadopteerd ben, en dat mijn beide biologische ouders dat óók waren. Ik vond het niet erg dat ik na mijn geboorte meteen was afgestaan, maar wat ik ook altijd wist was dat die keten van mensen die maar kinderen kregen terwijl ze er niet voor konden of wilden zorgen bij mij ging stoppen. Als ik later kinderen zou krijgen, ging ik die zelf opvoeden. Als ik dat om een of andere reden niet zou kunnen, kwam er geen kind.

Toen ik op mijn twintigste na de eerste keer seks met mijn nieuwe vriendje zwanger bleek te zijn, werd dit voornemen aan de realiteit getoetst. Was ik al in staat om een goede moeder te zijn? Ik was een tweedejaars studente, zonder idee van hoe mijn leven eruit ging zien. Het nieuwe vriendje was vijf jaar ouder, een stuk verder in zijn studie en al vond hij dat het mijn beslissing moest zijn: een baby leek hem wel leuk. We konden een kamertje maken in de diepe kast in onze in onderverhuur bewoonde tweekamerwoning twee-hoog-links-achter, zei hij, geen enkel probleem.

Uiteindelijk voelde het niet veilig genoeg. Niet voor mij en zeker niet voor het kind in wording

Soms liet ik me meeslepen door zijn romantische voorstellingen, maar de twijfel was er ook steeds. We kenden elkaar nog maar zes weken. Als we uit elkaar zouden gaan, wist ik uit de feministische literatuur wat er dan waarschijnlijk ging gebeuren: ik zou in mijn eentje voor het kind moeten zorgen. Waar ging ik dan wonen? Hoe ging ik ons onderhouden? Het voelde uiteindelijk niet veilig genoeg – niet voor mij en zeker niet voor het kind in wording. Ieder ook maar een beetje ongewenst kind voor wie niet goed genoeg wordt gezorgd, is er een te veel. Zó werd mijn keten niet verbroken.

Het werd dus een abortus. Daarna ging het leven gewoon verder. Voorafgaand aan de ingreep had ik het er met veel mensen over gehad, maar nu was iedereen inclusief het vriendje klaar met het onderwerp, terwijl ik er juist toen over wilde praten. Spijt had ik niet, maar het was soms alsof ik stikte. Dat veranderde toen ik een half jaar later twee dagen in de week op twee kleine jongetjes ging passen. Na die vaak uitputtende dagen fietste ik algauw opgelucht terug naar mijn eigen vrije studentenleventje, waarin ik kon doen en laten wat ik wilde. Toen wist ik het helemaal zeker. Het was een goede beslissing geweest, die abortus: ik was nog niet klaar voor het moederschap.”

cornelia abortus

Cornelia (44, achternaam bij de redactie bekend), administratief medewerker, getrouwd, twee kinderen, was 36 toen ze een abortus had.

“In 2010, mijn jongste was toen een jaar oud, de oudste drie, bleek ik ongepland weer zwanger te zijn. Na de zwangerschap van de jongste had ik niet meteen iets aan anticonceptie gedaan, ik dacht: zo’n vaart zal het niet lopen, maar toch moet het zijn misgegaan. Dit gaat niet lukken, was mijn eerste reactie toen de zwangerschapstest positief bleek te zijn. Ik werkte vier dagen in de week, de kinderen zaten allebei op de crèche, het was een enorm gestress. En we wonen heel klein, in een ruimte waar ook gewerkt wordt. Als ik aan een volgende zwangerschap en nog een kind dacht, schreeuwde alles in me: nee! Ik zag mezelf gewoon niet als moeder van drie kinderen. Mijn man zei: ‘We vinden wel een oplossing, maar als jij het niet ziet zitten hoeft het van mij niet,’ Omdat we geen overhaaste beslissing wilden nemen, hebben we het nog even aangezien. Maar mijn gevoel veranderde niet.
De ingreep viel me mee. Binnen een uur stond ik weer buiten. Toen een verpleegkundige van tevoren met me kwam praten over mijn afwegingen, schaamde ik me wel even de ogen uit de kop. We lagen met allemaal vrouwen op een zaal in bedden met alleen een gordijntje ertussen, dus je hoorde alles. Dat was niet prettig, maar ik zag het als de consequentie van wat ik wilde. Daar hoorden ook een paar moeilijke dingen bij.

Als ik aan een volgende zwangerschap en mijzelf als moeder van drie dacht, schreeuwde alles in me: nee!

In het hele proces, van de huisarts tot de mensen in het ziekenhuis, was iedereen heel meedenkend. Er werd geen oordeel gegeven, alles was goed. De abortusarts stelde me gerust en praatte me door de ingreep heen. Wat hebben we toch een fijn systeem hier in Nederland, dacht ik na afloop, dat dit gewoon in alles openheid kan, zonder dat je een schuldgevoel krijgt aangepraat. Zo kun je echt in vrijheid een beslissing nemen, waardoor de kans dat je later spijt krijgt klein is.

Vlak na de abortus heb ik een spiraaltje laten zetten, want dit ging me niet nog een keer gebeuren. Maar een fout moet je kunnen maken, vind ik.

Als ik gezinnen met drie kinderen zie, denk ik nooit: dat had ik ook kunnen hebben. Ik heb nooit gefantaseerd over het kind, of het een jongetje of een meisje zou zijn geweest, hoe ons gezin er dan had uitgezien. Het was zo duidelijk voor mij. Ik ben heel blij dat het kon. Het probleem was veel groter geweest als ik geen abortus had kunnen krijgen.”

Doortje Braeken abortus

Doortje Braeken (68), voormalig senior advisor bij International Planned Parenthood Federation (IPPF), moeder van twee kinderen, onderging op haar 29ste een abortus.

“Het was een heel gewenst kind. Mijn man en ik waren blij dat ik zwanger was. Maar in die tijd had ik werk waarvoor ik veel op scholen kwam, en op een daarvan bleek rodehond te heersen. Ik besloot me te laten testen, maar volgens de GG&GD waren antistoffen niet nodig. Drie weken later werd ik toch ziek. De huisarts gaf me een paar artikelen mee, zodat ik me mijn mening kon vormen over wat er nu moest gebeuren. Nadat ik had gelezen wat rodehond allemaal voor een foetus kan betekenen, wist ik: dit wil ik niet. De ziekte kan de hersenen, het gezichts- en het gehoorvermogen van het kind aantasten. Het risico was me te groot.

Na afloop was er gelukkig een verpleegkundige die me even vasthield. Verder was er al die tijd niemand die aardig tegen me was.

Inmiddels was ik al zestien weken zwanger. Dat betekende dat ik een late abortus zou moeten ondergaan, op medische indicatie, Mijn huisarts zei: ‘Je kunt naar abortuskliniek Bloemenhove, waar ze heel aardig zijn. Maar zo’n late abortus is tamelijk ingewikkeld, misschien is een ziekenhuis beter.’ Maar in het Wilhelmina Gastuis ging er van alles mis. Zo’n late abortus komt neer op een opgewekte bevalling. Dat moest op zaal, tussen de andere vrouwen die daar lagen en dat duurde een hele nacht, waarin ik veel pijn had. Mijn man mocht niet bij me blijven, ik was helemaal alleen. Na afloop was er gelukkig een verpleegkundige die me even vasthield, maar dat was alles. Verder was er al die tijd niemand die iets tegen me zei of aardig tegen me was. Weer thuis heb ik het ziekenhuis een brief geschreven om te zeggen dat ze het me met hun gebrek aan empathie wel ongelooflijk moeilijk hadden gemaakt. Ik werd onmiddellijk uitgenodigd voor een gesprek, ze waren natuurlijk bang dat ik een klacht in zou dienen. Ik werd geconfronteerd met een tafel waaraan zes dokters in witte jassen zaten. Ik kon tegenover hen plaatsnemen. Alles wat ik zei, werd weerlegd. Toen ik geïntimideerd in tranen uitbarstte, schudden ze hun hoofd: ‘Het zijn allemaal hormonen mevrouw.’

Ik ben dankbaar dat ik toen een abortus kon krijgen, maar het was niet niks. Dat moet je ook kunnen erkennen, zonder dat je meteen als anti-choice wordt weggezet. Gelukkig werd ik vier maanden na die afschuwelijke ervaring weer zwanger en kreeg ik een prachtige dochter. Dat hielp. In mijn werk heb ik later veel met abortus te maken gehad, ook in het buitenland. Ik leerde dat het daarbij niet zozeer om legalisering gaat als wel om veiligheid en vriendelijkheid. Wettig is geen garantie voor goed.”

Kijk naar Omstreden vrijheid, een film over Bloemenhove, de oudste abortuskliniek van Nederland

Waarom maken wij ons druk over het abortusklimaat in Nederland?

In Nederland is toch alles rond abortus goed geregeld? Wat betreft wetgeving zeker, maar ook hier proberen conservatieve krachten de abortuspraktijk in een negatief daglicht te plaatsen. Zij zijn volledig gericht op het terugdraaien van verworven vrijheden en rechten. Lees in ons abortusdossier wat we doen om de vrije keuze te beschermen.

Liddie Austin
Liddie Austin
Journalist voor oa. HUMAN INC., columnist

Deel dit

Vrij denken, samen leven. Sinds 1946.

Blijf op de hoogte van acties voor een menselijker samenleving, inspirerend nieuws en evenementen.