‘Erkenning is helend’
Oud-politicus en activist Sylvana Simons pleit voor meer bewustwording en beter onderwijs over slavernij en kolonialisme. Ze benadrukt dat erkenning van het slavernijverleden essentieel is om vooruit te komen.
1 juli is het Keti Koti. Voor wie is deze dag bedoeld?
‘Het is een dag voor iedere Nederlander. Slavernij en kolonialisme zijn een van de redenen dat we in deze samenstelling in dit land samenleven. Heel veel mensen zijn in Nederland omdat ze onderdeel waren van een voormalige kolonie. Onze samenleving is erdoor gevormd, dus Keti Koti gaat over ons allemaal.’
Ik denk niet dat iedere Nederlander stilstaat bij deze dag.
‘Dat heeft deels te maken met het feit dat we niet zijn opgegroeid met het besef dat dit ons allemaal aangaat. Op school hebben we niet geleerd over deze geschiedenis. Toen ik op de lagere school zat, ging het vooral over hoe mooi de Gouden Eeuw was. Het waren verhalen van winst en succes. Nederland is een land waar men heel prat gaat op de grootsheid van de geschiedenis, maar op school ging het niet over de schaduwzijde van diezelfde verhalen. Het ging niet over de rol van Nederland en de gevolgen daarvan. Dat nog steeds Surinamers en andere mensen van kleur in dit land sociale ongelijkheid ervaren. Gelukkig groeit de bekendheid en bewustwording. Op steeds meer plekken in Nederland zijn lokale vieringen van Keti Koti.’
Waarom hebben we op school niet geleerd over deze geschiedenis?
‘Ik denk dat er een grote ontkenningsdrang is over lelijke periodes uit de geschiedenis. Dat zal een combinatie zijn van schaamte, ontkenning en, denk ik, van bewuste onwetendheid. Het is een pijnlijke blik in de spiegel om toe te geven dat er ook een schaduwzijde bij hoort. Een groot deel van Nederland is gebouwd met geld dat verdiend is met slavenhandel. Iedereen vindt de Amsterdamse grachtengordel mooi en bijzonder, die ademt geschiedenis en grootheid, maar is gebouwd over de ruggen van tot slaaf gemaakte en gekoloniseerde mensen. Ik denk dat het collectief moeilijk is om dat toe te geven.’
' De Amsterdamse grachtengordel is gebouwd over de ruggen van tot slaaf gemaakte en gekoloniseerde mensen. '
Denk je daaraan als je over de Amsterdamse grachten fietst?
‘Zeker. Vroeger niet, ik was me er niet van bewust. Maar jaren geleden heb ik een tour gedaan, een stadswandeling van Black Heritage met Jennifer Tosch, en sindsdien wel. Als je kennis hebt, ga je anders naar dingen kijken. Dan wordt iets tastbaar.’
Jouw beide ouders zijn Surinaams. Wat kreeg jij vroeger mee over 1 juli?
‘Er werd thuis wel over Keti Koti verteld en erbij stilgestaan, maar het was niet iets groots. Voor de generatie van mijn ouders, die als eerste naar Nederland kwamen, gold de opdracht zich zo snel mogelijk aan te passen. Dat gaat ook over het hier en daar loslaten van je cultuur. Ik denk dat het daarom thuis niet iets groots was.’
Heb jij de kennis over het slavernij en kolonialisme meegegeven aan jouw kinderen?
‘Achteraf gezien had ik dat meer willen en moeten doen. Ik ben zelf pas op latere leeftijd echt bewust geworden van deze geschiedenis en toen waren de kinderen al klaar. Bij mijn kleinkinderen ben ik meer bezig met identiteitsvorming: wie ben je en welke familiegeschiedenis draag je met je mee?’
Je hebt zelf een oma en grootmoeder die nog tot slaaf gemaakt waren.
‘Ja, het is onze geschiedenis. Daar kunnen wij niet van weglopen. Dat is de luxe van witte nazaten, die kunnen er makkelijker van weglopen. Op oude zwart-witfamiliefoto’s staan vrouwen in kotto’s, in traditionele kledingdracht. Het blijft leven.’
Op 19 december 2022 bood Mark Rutte namens de Nederlandse regering excuses aan voor het slavernijverleden. Waar was je op dat moment?
‘Ik zat op het fractiekantoor in Den Haag met fractiemedewerkers naar de toespraak op televisie te kijken. We hielden elkaars hand vast. Ik heb toen wel een traantje gelaten. Het markeerde een moment in onze parlementaire strijd, maar het is veel groter dan dat. Op dat moment realiseerde ik me dat erkenning voor veel mensen helend is. Het is helend dat wat jouw familie heeft meegemaakt niet ontkend wordt, dat jij niet overdrijft of aan het zeuren bent, maar dat er aandacht wordt gevraagd voor iets heel wezenlijks. Het getuigt van respect als iemand zegt: ik hoor je, ik zie je.’
‘Die excuses waren ook een morele overwinning. Juist omdat het van Rutte kwam, die jarenlang met veel weerstand die discussie over erkenning heeft gevoerd. Het was fijn dat hij tot inzicht kwam. Dat werd later kracht bijgezet toen de koning tijdens de herdenking op 1 juli om vergiffenis vroeg en de rol van zijn familie daarin erkende. Dat lijken kleine, symbolische momenten, maar ze openen de deur naar heling, herstel en reparatie.’
Wat was de weerstand die je te horen kreeg?
‘Ik heb héél vaak gehoord: ‘Het is al zolang geleden, we kunnen er niets meer aan doen, we moeten vooruitkijken.’ Dat heeft alles te maken met de weigering om verantwoordelijkheid te nemen. Het gaat niet over dat er verwijten gemaakt moeten worden, het gaat om erkenning van de realiteit.’
' Het getuigt van respect als iemand zegt: ik hoor je, ik zie je. '
Zijn er sinds die excuses concrete dingen veranderd?
‘Er zijn stappen gezet, maar niet alleen naar aanleiding van die excuses. Daar is het niet begonnen. Er zijn mensen die hier al tientallen jaren voor strijden: Kick Out Zwarte Piet, Gloria Wekker en ook BIJ1. Jaren geleden heb ik een motie ingediend om een aantal historische figuren te rehabiliteren, die nu nog te boek staan als criminelen, maar die eigenlijk verzetshelden waren. Tula, uit Curaçao, en Boni, uit Suriname, streden beiden tegen het koloniale bewind en leidden opstanden. In de aangenomen moties heb ik onder andere voor hen eerherstel aangevraagd. Steeds meer gemeentes geven ruimte aan Keti Koti, op scholen wordt er meer over gesproken, er worden allerlei projecten opgezet om kennis te vergaren en vergroten en in kunst en cultuur komt het onderwerp tot leven. Ik heb wel lichte teleurstelling dat ik niet kan zeggen: dit is het plan en nu komt het allemaal goed. Maar we rekenen af met een narratief dat al honderden jaren leeft: dat heeft tijd nodig, dat gaat in stappen.’
‘Er valt nog genoeg te doen. En niet alleen in Nederland, maar ook op Curaçao en in de bijzondere gemeentes als Bonaire. Mensen leven daar onder een armoedegrens die we in Nederland nooit zouden accepteren – ook dat is een gevolg van koloniale doorwerking.’
Wat ga jij op 1 juli doen?
‘Ik ga op een school spreken over Keti Koti, daarna ben ik bij de officiële herdenking in het Oosterpark en daarna gaan we het vieren. Op het festival dansen en lekker eten, van Heri Heri tot Pom en ik ben gek op Orgeade, een heel zoete amandelsiroop. Het is een feest van herkenning en samenkomen, van bijpraten en genieten van hoe mooi ‘mijn mensen’ zijn. Mensen die hun Afrikaanse roots vieren in wat ze dragen. Het is een feest voor het oog en voor de smaakpupillen. En we vieren onze successen: dat de Nederlandse staat, Amsterdam en de koning hun rol hierin hebben erkend. Dat zijn allemaal verworvenheden dankzij activisme en strijd. Dat mag je ook vieren.’
Fotograaf beeld Sylvana Simons: Charly Olf, Clearshot Pictures
Keti Koti met Mandy Woelkens
Op 1 juli staan we in Nederland stil bij Keti Koti. Met Mandy Woelkens als gasthoofdredacteur herdenken we de afschaffing van de slavernij en erkennen we onze gedeelde geschiedenis.
Samen met Mandy verkennen we de vele lagen van Keti Koti: historisch, persoonlijk en maatschappelijk. Van institutioneel racisme en intergenerationeel trauma tot de kracht van eten als verbinder – elk verhaal brengt ons dichter bij bewustwording, gesprek en verbinding.