CHAJA POLAK (84) is schrijver. Ze schreef over Israël en Gaza in het essay Brief in de nacht en is medeoprichter van de stichting Joden Zeggen Nee.
‘Ik heb één keer meegelopen met een Rode Lijn-demonstratie, maar wel onder de banier van Joden Zeggen Nee. Anders had ik het moeilijk gevonden. Joden Zeggen Nee is een stichting van ongebonden Joden die met klem het beleid van de regering Netanyahu veroordeelt. We zijn ook fel gekant tegen de kolonisten op de Westbank. We zijn van mening dat Israël alleen veilig kan zijn als de Palestijnen vrij zijn; daarom zijn we voor een Palestijnse staat naast een Israëlische staat. Het geweld in Gaza moet stoppen omdat het slechts tot nog meer ellende leidt en uiteindelijk geen veiligheid brengt. Het creëert alleen maar nieuwe Hamasstrijders. Bovendien: een ideologie kun je niet kapot bombarderen.
Ik zie het als mijn plicht om me uit te spreken. Het grootste deel van mijn familie in Israël
is het niet met me eens, maar het geweld in Gaza aanzien en niks doen is voor mij geen optie. Ik kreeg van huis uit mee dat je om elkaar geeft, omkijkt naar elkaar, dat je samen streeft naar een betere wereld. Als je geen compassie hebt met de ander, verlies je je eigen menselijkheid.
' Ik zie het als mijn plicht om me uit te spreken. Het grootste deel van mijn familie in Israël is het niet met me eens, maar het geweld in Gaza aanzien en niks doen is voor mij geen optie. '
Mijn vader is in de Tweede Wereldoorlog vermoord, mijn moeder kwam terug uit Auschwitz. Ik ben opgegroeid in een getraumatiseerd gezin. Behalve mijn eigen trauma kreeg ik de trauma’s van mijn ouders doorgegeven. Onbewust gaf ik die op mijn beurt door aan mijn kinderen, en ik zie ze ook weer terug bij vooral mijn oudste kleindochter.
Het neemt bij iedere generatie in heftigheid af, maar het blijft een pijnplek
die ik niet had gewenst. Ik vind daarom dat ik moet nadenken over wat deze oorlog doet met Palestijnen. Natuurlijk: in Israël is iedereen opnieuw getraumatiseerd, maar daar zijn psychologen die hulp kunnen bieden. De mensen in Gaza en op de Westbank staan er alleen voor. Een andere reden om me uit te spreken is dat mijn kritische mening moeilijk afgedaan kan worden als antisemitisme. Het ingewikkelde is dat er nu oprechte kritiek, verontwaardiging en woede is over wat Israël doet die ik deel, maar dat daar ook vaak weer antisemitisme bij komt kijken. Antisemitisme is nooit weggeweest, maar nu is het pijnlijk genoeg weer erg zichtbaar.
Ik vind dat juist Joden vanwege hun geschiedenis niet zouden moeten doen wat ze nu in Gaza doen. Anderen zeggen: ‘Joden zijn net mensen en dit doen mensen kennelijk.’ Dat is ook waar. Maar toch: als je helemaal niks leert van de geschiedenis, kan je het wel opgeven. En ik wil het niet opgeven. Ik voel me solidair met vredesgroeperingen in Israël, solidair met Palestijnen die uit hun huizen gebombardeerd worden en met al die gewonde en verweesde kinderen – soms merk ik dat ik huil wanneer ik die beelden zie.’
Wil je ook meelopen met demonstraties als de Rode Lijn?
Houd dan onze nieuwsbrief in de gaten, want als Humanistisch Verbond laten we de humanistische stem luid horen tijdens demonstraties en acties. Meld je aan via de nieuwsbrief.
Goed verhaal?
Dit en meer journalistieke verhalen lees je in HUMANIST, het tijdschrift van het Humanistisch Verbond.
Prikkelende interviews, verdiepende essays en verhalen van mensen over menselijkheid – je vindt het in HUMANIST! Drie keer per jaar niet te missen verdieping en verlichting. Leden ontvangen het blad gratis. Voor 6 euro per maand ben je al lid. Doe met ons mee, word lid!