De Zuid-Afrikaanse fi losoof Mogobe Ramose (geboortedatum onbekend) ontsnapte als politiek vluchteling aan het Apartheidsregime in zijn thuisland. In 1983 promoveerde hij aan
de Leuvense universiteit. In 1996 keerde hij terug naar Zuid-Afrika, waar hij sindsdien de Afrikaanse filosofie internationale bekendheid heeft gegeven. De ironie is dat hij de termen ‘Afrika’ en ‘Afrikaans’ met enige tegenzin gebruikt. Hij wijst er namelijk fijntjes op dat
deze termen door Europa zijn opgelegd aan volkeren waarvan de eigen taal, filosofie en denkbeelden werden geminacht en tijdens de kolonisatie mochten worden uitgeroeid.

Die zo pijnlijke koloniale geschiedenis speelt door in al Ramoses werk. Daarnaast richt hij zijn pijlen op de huidige internationale, economische verhoudingen, die worden bepaald door geldzucht: zwart Afrika is een melkkoe geworden die honger lijdt, maar met zijn grondstoffen andere landen mag vetmesten. De stand van zaken in Afrika verraadt, aldus Ramose, een diepliggend probleem: in onze globaliserende wereld is geld de maat van alle dingen geworden. Niet het recht op voedsel en leven, maar de bandeloze jacht op winst beslist in ons tijdgewricht over leven en dood, welvaart en armoede. In dit ‘economisch fundamentalisme’ houden we onszelf gevangen. Want wordt persoonlijk succes immers niet afgemeten aan mooie diploma’s, een snelle carrière en een rijkelijk gevulde bankrekening? In plaats daarvan, zegt Ramose, zouden we moeten streven naar humaniteit en rechtvaardigheid. Daarmee zou een einde kunnen komen aan Afrika’s ‘economische slavernij’.

Van cruciaal belang is ook dat ‘Afrika voorzichzelf opkomt in zijn eigen moedertaal’. Die taal is, aldus Ramose, de taal van ubuntu: delevensfilosofie die de grondtoon is in alle Bantoe culturen ten zuiden van de Sahara. Een van de betekenissen van ubuntu blijkt uit een oud gezegde: feta kgomo o tswhware motho. Dit zou je kunnen vertalen als: wanneer er moet worden gekozen tussen geld en het redden van iemands leven, dan verdient dat laatste altijd onze voorkeur.

Ik ben verbonden aan de ander

In het algemeen staat ubuntu voor een levenshouding die vertrekt vanuit het besef dat niets vaststaat (ubu betekent ‘wordend zijn’). Leven is een oneindig proces van ontstaan, vergaan en opnieuw ontstaan. Dat niet alleen: in dat proces is alles met elkaar verweven en op elkaar aangewezen. De mens wordt volgens Ramose pas daadwerkelijk mens dankzij zijn relaties met anderen. ‘De enkeling is niet compleet zonder de ander’, schrijft hij. Vandaar het belang van talloze inwijdings- en overgangsrituelen in Afrikaanse culturen, waarmee individuen steeds in de gemeenschap worden erkend en opgenomen – waarbij overigens niet alleen de ‘levenden’ een rol spelen, maar ook de ‘levende doden’ en de ‘nog niet geborenen’. Binnen het westerse denken kennen we de beroemde uitspraak van de Franse fi losoof René Descartes: ‘Ik denk, dus ik ben’. Ubuntu betekent eerder: ‘Ik ben verbonden, dus wij zijn’. Of: ‘Ik ben, omdat wij zijn’. Ofwel: meer dan wat er op je visitekaartje staat en wat je zelf aan successen voor elkaar bokst, laten de mensen die jou omringen jou de mens zijn die je bent – en andersom. Tenminste, als het goed is, natuurlijk. Juist omdat we op elkaar zijn aangewezen, kunnen leugen, misdaad en conflict ons schaden als mens. Humaniteit is voor Ramose daarom nooit af, maar een proces en een opdracht: een voortdurend zoeken naar waarheid, rechtvaardigheid en een gemeenschapszin die jou en mij mens laten zijn.

Spiegel

Wanneer we het individu centraal stellen, komt de mens al snel tegenover anderen en de kosmos te staan. Volgens Ramose is dat precies wat in het westerse denken gebeurt. Op tal van vlakken houdt hij dit individualistisch denken een kritische spiegel voor. De westerse democratie? Volgens hem geënt op een schadelijk ‘conflictmodel’, dat het ‘harmoniemodel’ overal in Afrika heeft ontwricht. Dit harmoniemodel, vaak deep democracy genoemd, laat verkiezingen een land niet verscheuren, geeft de meerderheid niet alle zeggenschap en poldert zichzelf ook niet van het ene naar het andere compromis. Deep democracy is écht luisteren naar wat de ander te zeggen heeft, gericht op werkelijke consensus, waarbij iedereen zich gezien en gehoord voelt.

Of neem de westerse rechtspraak: ook die isoleert het individu te veel van zijn omgeving. De mens wordt geacht te leven binnen de grenzen van de wet en is, als hij dit verzaakt, verantwoordelijk als ‘dader’. Binnen een ubuntu-perspectief is de dader als individueel rechtspersoon eigenlijk minder belangrijk. De betekenis van zijn handelingen en de gevolgen ervan voor de menselijke samenleving tellen des te meer. In dat perspectief is het onbegrijpelijk dat misdaden uit het koloniale verleden volgens westerse rechtspraak zijn ‘verjaard’: misdaden van toen hebben immers impact op de menselijke verhoudingen van nu.

Volgens sommige andere Afrikaanse denkers gaat Ramose voorbij aan het dwingende karakter van veel traditioneel-Afrikaanse gemeenschapsvormen, die echt niet zaligmakend zijn. Desondanks roept zijn denken op tot een dialoog die, geheel in lijn met de ubuntu-filosofie, alle betrokkenen raakt en kan transformeren.

Bas Nabers

Bas Nabers

Filosoof, schrijver en programmamanager Met zorg naar elkaar omzien

Filosoof en programmamanager Zorg & Geestelijke Verzorging bij het Humanistisch Verbond.
Profiel-pagina