Euthanasie en levenseinde zijn gevoelige onderwerpen. Uit ons onderzoek blijkt dat het overgrote deel van de huisartsenpraktijken, 86 procent, euthanasie niet benoemt op de website. Dit terwijl de website van een huisartsenpraktijk juist een laagdrempelige manier is om je als patiënt te oriënteren op de opvattingen van de huisarts op deze gevoelige thema’s, en ter oriëntatie op een gesprek met de huisarts hierover.

Onderzoek

In hoeverre besteden huisartsenpraktijken via hun website aandacht aan euthanasie en het levenseinde? En wordt de professionele houding van de huisartsenpraktijken ten aanzien van euthanasie zichtbaar op hun website?

Wij hebben een steekproef genomen uit de 4707 huisartsenpraktijken in Nederland. In totaal onderzochten we de websites van 356 praktijken.

Iets meer dan 6 procent van huisartsenpraktijken benoemt expliciet het levenseinde of euthanasie op de website, en vermeldt ook de professionele houding hiertegenover. Het proces van euthanasie wordt hier vaak uitgelegd, en wat dit betekent voor patiënt en huisarts. Ruim 7 procent van de websites verwijst procedurematig naar een andere pagina via een link die niet (meer) werkt.

Mijn dood is niet van mij

Henk Blanken heeft de ziekte van Parkinson en wil euthanasie als hij dement wordt. Hij is niet vrij om over zijn eigen dood te beslissen. Dat moet anders.

Gesprek levenseinde aangaan

Het komt nog vaak voor dat het eerste gesprek rondom euthanasie en levenseinde niet of te laat wordt gevoerd. Uit eerder onderzoek van Patiëntenfederatie Nederland bleek dat bijna de helft van de ondervraagden mét een wilsverklaring (een minderheid, 79 procent van ondervraagden heeft géén wilsverklaring) deze niet van tevoren heeft besproken met de huisarts.

Het is belangrijk dat de verwachtingen van huisartsen en patiënten naar elkaar overeenkomen, zodat misverstanden en teleurstellingen worden voorkomen. Een van de redenen die zij aan Patiëntenfederatie Nederland gaven was dat zij denken dat hun huisarts hier niet voor open zou staan, of geen tijd zou hebben voor een gesprek.

Met dit onderzoek wil het Humanistisch verbond de drempel verlagen voor een gesprek dat van levensbelang is. Ook hopen we huisartsen aan te sporen helder te zijn over hun professionele houding tegenover euthanasie en levenseinde.

huisartsen onderzoek

Aanbevelingen

Praten over de dood is voor veel patiënten ongemakkelijk en vormt voor veel mensen een taboe en/of een onderwerp ‘waar ze nog even niet over na willen denken’. Wij raden huisartsenpraktijken aan om euthanasie en levenseinde duidelijker te vermelden op de website, en ook helder te zijn over de professionele houding van de artsen. Ook voor mensen die op zoek zijn naar een nieuwe huisarts is het van belang de professionele houding van een huisarts ten aanzien van euthanasie te weten. Dit kan meespelen in de keuze.

Vermelding van euthanasie en de wilsverklaring op de website nodigt uit tot gesprek en maakt het voeren van een gesprek laagdrempeliger voor patiënten. Mogelijk kunnen artsen in het patiëntendossier een vaste tab hangen waarin de wensen over euthanasie besproken en opgenomen kunnen worden.

Wanneer huisartsenpraktijken het moeilijk vinden om nuance aan te brengen kunnen zij op zijn minst verwijzen naar websites waarop informatie staat die past bij hun denkwijze. Er kan bijvoorbeeld doorverwezen worden naar pagina’s van de Rijksoverheid, thuisarts.nl of ikwilmetjepraten.nu. Het KNMG en de Patiëntenfederatie Nederland hebben gezamenlijk een e-book gemaakt voor patiënten en artsen over ‘Tijdig praten over het levenseinde’. Hierin staan onder meer handvatten voor een gesprek over het levenseinde, en voorbeelden van een wilsverklaring.

Het Humanistisch Verbond strijdt voor een menswaardig levenseinde voor iedereen, en we stimuleren het gesprek over de dood. Want bij een goed leven hoort een goede dood. We agenderen, brengen persoonlijke verhalen, achtergrond en helpen je grip te krijgen op hoe om te gaan met je eigen levenseinde. 

Dit onderzoek maakt deel uit van de campagne Vrij om over je eigen dood te beslissen. Vind hier ons dossier.