Humanistisch Verbond op Twitter Humanistisch Verbond op Facebook Humanistisch Verbond op YouTube

Zoeken


Rein Zunderdorp, gefotografeerd door Marsel Loermans

Hoeveel orthodoxie kan een open samenleving verdragen?

7 oktober 2009

Hoeveel orthodoxie kan een open samenleving verdragen? Dit was de vraag die prof. Hans Alma, rector van de Universiteit voor Humanistiek, zaterdag j.l. stelde in haar inleiding voor de Banning werkgemeenschap (christelijke traditie binnen PvdA) in de Rode Hoed. Verwijzend naar het befaamde werk van Karl Popper 'De open samenleving en haar vijanden' hield zij een krachtig pleidooi voor vrijzinnigheid, boven rechtzinnigheid of orthodoxie, om godsdienst te combineren met de open samenleving. Maar omdat de open samenleving, in de zin van de liberale democratie, ook orthodoxe overtuigingen ruimte wil bieden, dringt de vraag zich natuurlijk op hoeveel orthodoxie die samenleving kan verdragen en daarmee waar grenzen getrokken moeten worden. En dan zitten we in de discussie over de boerka's, salafistische imams, reformatorisch onderwijs en de orthodoxe politiek. Tot welk punt is het tolereren van orthodoxie een teken van kracht van de open samenleving en waar begint de escalatie van spanningen of zelfs de capitulatie?

Het sloot mooi aan bij die avond waarop de HV afdeling Baarn-Soest onlangs haar 60-jarig bestaan vierde met de afdeling van Amnesty International (AI). In de uitverkochte plaatselijke kerkzaal hielden Kader Abdollah (auteur), Eduard Nazarski (voorzitter AI) en ondergetekende inleidingen en een debat. Onderwerp was Mensenrechten en levensbeschouwing. Abdollah hield een meeslepend betoog over de wereldgeschiedenis, mensenrechten en de islam. Wie zijn boeken kent en in het bijzonder 'De Profeet' en zijn vertaling van 'de Koran' weet dat we hier te maken hebben met een vrijzinnige interpretatie van de islam. Zo past religie zonder probleem en zelfs als waardevolle bron van inspiratie in de open samenleving. Ik heb het bij deze gelegenheid ook maar eens opgenomen voor de vrijzinnige christenen. Citerend uit de werken van de theologen Nico ter Linden en H.M.Kuitert kon ik mijns inziens overtuigend aantonen dat ook het vrijzinnige christendom niet alleen niet strijdig is met de mensenrechten en de open samenleving, maar er zelfs een verrijking en versterking van is.

Nu hebben de vrijzinnige christenen hetzelfde probleem als de humanisten als het gaat om het verschil tussen de inhoudelijke aanhang onder de bevolking en het aantal leden van hun organisaties. Als je van alle mensen die zich in Nederland nog altijd christelijk noemen de orthodoxen aftrekt, houd je miljoenen over met een vrijzinnige interpretatie van hun geloof.
De meesten van hen zijn geen lid van een vrijzinnige gemeente, maar van een grote kerk of zijn als gelovigen uitgetreden. De open samenleving en de mensenrechten worden in ons land gesteund door een ruime meerderheid van vrijzinnige gelovigen en humanistisch georiënteerde buitenkerkelijken. Maar daarmee hebben we de vraag nog niet beantwoord hoeveel orthodoxie een open samenleving eigenlijk kan verdragen.

Eigenlijk kan de vraag beter anders gesteld worden: welke vormen van orthodoxie kan de open samenleving verdragen? Het is immers voor de samenleving als geheel best denkbaar dat orthodoxe minderheden, die waarden en normen hanteren die botsen met individuele mensenrechten, in eigen kring hun orthodoxie belijden en geen pogingen doen hun dogma's aan anderen of aan de samenleving als geheel op te leggen. Natuurlijk zullen zich binnen de orthodoxe enclaves wel aantastingen van individuele vrijheden voordoen, maar in beginsel zijn de leden ook vrije burgers die de groep kunnen verlaten. Voor de samenleving als geheel is deze intern gerichte vorm van orthodoxie echter geen bedreiging en zou dus onder de godsdienstvrijheid moeten vallen.
Om individuen, waaronder in het bijzonder de minderjarigen, meisjes, vrouwen en homoseksuelen, te beschermen tegen schending van hun vrijheidsrechten, zou overigens bescherming van overheidswege wel terecht zijn. Een mogelijkheid daartoe is de dwang op gezinsleden of groepsleden tot gedrag dat zij zelf niets wensen (discriminatie op basis van geslacht, seksuele geaardheid, kledingdwang, vasten e.d.) een zelfde wettelijke benadering te geven als huiselijk geweld. Het is verboden, er kan aangifte van worden gedaan en de overheid grijpt waar nodig in ter bescherming van het individu. Maar waar mensen vrijwillig kiezen voor een orthodoxe levenswijze zijn zij daarin vrij. Of we er als moderne mensen blij mee zijn is een andere kwestie, maar een open samenleving moet die vormen van orthodoxie kunnen verdragen.

Anders ligt het met die vormen van orthodoxie die de eigen dogma's aan anderen willen opleggen. Dat gebeurt in zeer uiteenlopende vormen. Het kan zijn door in het publieke domein een onverdraagzame en intimiderende sfeer te creëren die de vrije expressie van andere burgers belemmert, omdat die in strijd is met de orthodoxe voorschriften. Het kan ook zijn dat men via wet en regelgeving, lokaal of nationaal, de vrijheidsrechten van andere burgers belemmert. In de sfeer van de medisch-ethische kwesties speelt dat actueel in Nederland vooral vanwege de concessies aan de kleinste regeringspartij de ChristenUnie(CU). Zo worden nieuwe medische mogelijkheden als embryoselectie bij ernstige erfelijke ziekten in hun ontwikkeling belemmerd of tenminste geremd, door vetogedrag van de CU, dat overigens ook weer gevolgen heeft voor de opstelling van het CDA. Dat men in orthodoxe kring zelf nimmer gebruik zal maken van dergelijke mogelijkheden is een goed recht in een open samenleving. Dat men tot in het parlement getuigenis aflegt van de orthodoxe geloofsovertuiging, die zich tegen embryoselectie keert, kan een open samenleving ook verdragen. Dat men urgente ontwikkelingen langdurig kan blokkeren en daarmee legitieme rechten van andere burgers frustreert, is een stap te ver.

De theoloog H.M.Kuitert heeft deze processen scherp geanalyseerd in zijn boek 'Dat moet ik van mijn geloof ' (2008). Aan de hand van het voorbeeld van embryoselectie stelt hij (p.138) dat een geloofsstandpunt in het parlement kan worden ingebracht, maar dat de Kamer er niets mee kan, omdat geloof in God geen argument is.
’Het schip strandt dus niet bij de mening van de CU, maar bij het argument.’ Het probleem voor het publieke domein ontstond volgens Kuitert, omdat de CU in het kabinet zit en er dus een compromis over zulke zaken moet worden gevonden om politiek te overleven. ‘Aan de wortel van de averij die het schip van staat opdeed, ligt het (begrijpelijke) feit dat de bewindspersonen even een oogje dicht deden en niet genoeg de liberale seculiere staat bewaakten. Even maar, maar zie hoe snel daarmee het publieke domein in de problemen kan komen.’ (p.139)

Kortom de open samenleving kan vrij veel orthodoxie verdragen, maar doet er goed aan de grenzen goed te bewaken. Grenzen kunnen worden overschreden in het publieke domein, in het openbaar bestuur en in zelfs in de privésfeer als sprake is van ongewenste dwang. Orthodoxe religies vertegenwoordigen in ons land kleine minderheden, maar kunnen onder bepaalde omstandigheden toch bedreigend zijn voor een open samenleving in het algemeen en voor specifieke groepen burgers in het bijzonder. Waakzaamheid is dus inderdaad geboden. Gelukkig kunnen daarvoor veel bondgenoten worden gevonden. Humanisten en vrijzinnigen aller landen verenigt u!

Rein Zunderdorp 

Meer kijken, luisteren en lezen

De oudere bijdragen van dit weblog zijn te vinden in het archief van het weblog. Meer weten over Rein Zunderdorp? Lees op deze website alles over zijn functie als voorzitter van het Humanistisch Verbond.

Gepubliceerd: 07-10-2009

Weblog voorzitter