Zoeken

Politieke meetlat Humanistische Alliantie

Toelichting
standpunt komt overeen met partijprogramma Ja
komt niet overeen met partijprogramma Nee
komt gedeeltelijk overeen met partijprogramma Deels
in het partijprogramma is niet te achterhalen wat het standpunt is Onbekend

Standpunten van de Humanistische Alliantie

Programma's van de politieke partijen

GL
PvdA
VVD
D66
CDA
SP
PVV
CU

De VVD is met 'onbekend' beoordeeld vanwege het verbod op anti-integratieve islamitische scholen en Salafistische moskeeën. Waar anti-integratief precies naar verwijst en of het voor alle ideologieën en levensbeschouwingen geldt is onduidelijk, vandaar ons oordeel. CU is met 'deels' beoordeeld vanwege o.a. de verwijzing naar de christelijke achtergrond van onze cultuur (met voorkeursbeleid) en het afschaffen van subsidie op godslasterlijke kunst. Dit neemt niet weg dat de CU op andere terreinen sterk hecht aan genoemde vrijheden, vandaar 'deels'. De SP is met 'onbekend' beoordeeld. Over vrijheden melden de SP alleen: ' Vrijheid van religie is geen vrijbrief om mensen uit te sluiten. Vrijheid van meningsuiting is geen rechtvaardiging om mensen te beledigen'.

Geloofsdwang = het opdringen van een religie, religieuze uitingsvormen en/of religieuze handelingen tegen iemands wil. Geen enkele partij heeft het over wetgeving tegen geloofsdwang. Wel bepleiten diverse partijen (GL, SP, VVD, PVDA, CDA, PVV) extra aandacht voor religieus en cultureel bepaald geweld, dwang en de vrijheid om afstand te nemen van religie. GL meldt expliciet: 'Het dienen van een god mag geen groepsdwang zijn, geen gebod van echtgenoot of familie'.

CU meldt: 'Waar de openbare orde en veiligheid danwel de normale sociale interactie wordt belemmerd, is een verbod op het dragen van gelaatsbedekkende kleding als boerkas gerechtvaardigd' (OV, scholen, openbare gebouwen)'. Op andere terreinen bepleiten ze juist (zichtbare) religieuze pluriformiteit, vandaar 'deels'.

D66 is met 'ja' beoordeeld en schrijft: 'D66 vindt dat de wettelijke regelingen die stellen dat religieuze opvattingen beschermwaardiger zijn dan andere opvattingen moeten worden geschrapt'. CU is met 'nee' beoordeeld vanwege: ' Als kunst oproept tot discriminatie, geweld, godslastering of onzedelijkheid, drijft kunst mensen uit elkaar. Dergelijke kunst wordt niet uit publieke middelen bekostigd'.

Meer info. D66: niet in programma genoemd, wel gedaan, zie hier.

De CU is met 'deels' beoordeeld omdat ze tegen discriminatie zijn maar uitdrukkelijk ruimte voor gewetensbezwaren bepleiten, wat in gevallen van bijvoorbeeld het homohuwelijk in discriminatie resulteert.

Zie: Aim for Human Rights. De PVV wil de Commissie Gelijke Behandeling afschaffen, onderdeel van het nieuwe Mensenrechteninstituut.

Alle positief beoordeelde partijen richten zich tegen discriminatie. Hoewel racisme en vreemdelingenhaat niet altijd expliciet zijn genoemd, bepleiten allen tolerantie, gelijke kansen, mensenrechten en respect voor verschil binnen de grenzen van de rechtstaat. De CU is tegen alle vormen van discriminatie en haat, ze bepleit wel uitdrukkelijk ruimte voor gewetensbezwaren. Omdat hier religieuze afwegingen prevaleren boven gelijke rechten beoordelen we het CU met 'deels'. PVV keert zich tegen homodiscriminatie. De PVV zet uitdrukkelijk in op de strijd tegen de islam, moslims en mensen uit islamitische landen. Dit komt overeen met vreemdelingenhaat, vandaar onze negatieve beoordeling.

Alleen D66 komt deels aan dit standpunt tegemoet. Ze vinden het huidige artikel 23 van de Grondwet op termijn onhoudbaar. D66 wil het makkelijker maken om een nieuwe school te starten, o.a. door het begrip 'richting' te verruimen naar andere dan alleen religieuze grondslag. GroenLinks en de PVDA krijgen 'onbekend'. Ze gaan uit van art. 23 maar willen wel een acceptatieplicht van leerlingen die de grondslag van de school respecteren (D66 eveneens). VVD zegt niets over art. 23 (krijgt 'onbekend' als oordeel) maar schrijft wel: 'De VVD staat respectvol maar neutraal ten opzichte van religies. Het subsidiëren van religieuze activiteiten, interreligieuze dialogen, moskeeën, kerken of geloofsgemeenschappen is geen taak van de overheid.' Zeer vermoedelijk vallen bijzondere scholen hier niet onder. De VVD meldt wel dat anti-integratieve islamitische scholen moeten sluiten. Onder 3.3 (geen positieve danwel negatieve discriminatie van specifieke religies) krijgt VVD daarom 'deels'. PVV krijgt een 'nee' vanwege de passage: 'Christelijke, Joodse en openbare scholen moeten naast elkaar kunnen bestaan. Wij zijn dus voor behoud van artikel 23 Grondwet. Islamitische scholen gaan daarentegen dicht'. Onder 3.3 krijgt PVV eveneens een 'nee'.

De PVV is met 'nee' beoordeeld omdat ze geen neutraliteit als nastreven maar zich specifiek richten tegen islamitische kentekenen.

Alle positief beoordeelde partijen leggen de nadruk op gelijkheid en gelijke kansen. CU en CDA spreken zich extra uit over de bescherming van rechten van 'onze medechristenen'(CDA) wereldwijd. Het CU krijgt een 'nee' wegens het benadrukken van de christelijke wortels van onze cultuur. Ook wordt onderscheid gemaakt tussen de islam en het christendom: 'De moskee is niet de eerste aangewezen plaats voor het contact tussen overheid en nieuwkomers.' Terwijl: 'Multiculturele kerken hebben bijvoorbeeld een belangrijke positieve functie voor veel nieuwe bevolkingsgroepen.' Subsidiestromen uit islamitische landen worden kritisch bekeken, dit geldt niet voor andere subsidies. VVD krijgt een 'deels' omdat ze neutraliteit bepleiten maar anti-integratieve islamitische scholen willen sluiten. Neutraliteit betekent ons inziens gelijke regels voor alle scholen, islamitisch of niet.

Extra info: D66 wil godsdienstlessubsidies beperken. PVDA wil zondagssluiting uit de Winkeltijdenwet, GL en CDA laten zondagssluiting aan gemeenten, D66 wil dat ook en stelt nieuwe wetgeving voor, VVD en PVV willen ondernemers laten beslissen. Het CDA krijgt een 'nee' als beoordeling vanwege de bijzondere nadruk op religie (o.a. religieus erfgoed) en levensbeschouwing in hun programma: 'Religie en levensbeschouwing zijn essentiële pijlers voor onze samenleving.' Het CU meldt dat religieuze overtuiging essentieel is voor de identiteit van mensen en wordt daarom negatief beoordeeld.

De PVDA is met 'deels' beoordeeld. Hun medisch-ethische paragraaf is beperkt. De formulering 'Voor de PvdA is het beginsel van zelfbeschikking leidend, maar altijd in samenhang met menselijke waardigheid, goede zorg en beschermwaardigheid van het leven' is meervoudig uit te leggen. Het CDA krijgt een 'nee' omdat medisch-ethische dilemma's omschreven staan als gemeenschapsvraagstukken i.p.v. individuele keuzes. Het CDA schrijft: 'Niet alles wat kan, mag. Zodra de menselijke waardigheid en de veiligheid niet langer verzekerd zijn, vragen zij om handelen door de overheid'.

CU wil moreel-existentiële begeleiding maar heeft daarbij een christelijke invalshoek.

Zie HV visie op waardig levenseinde. Het CDA - met 'nee' beoordeeld - ziet medisch-ethische dilemma's als gemeenschapsvraagstukken i.p.v. individuele keuzes. Bovendien behoort het leven niet toe aan de persoon zelf maar is het ontvangen. Het CDA schrijft: 'Niet alles wat kan, mag' en verwijst daarbij naar overheidsingrijpen.

Onder 'mogelijkheden van de wet' verstaan wij ook ondraaglijk en uitzichtloos lijden van chronisch psychiatrisch patiënten en dementerenden. GL haalt euthanasie (en abortus) uit het Wetboek van Strafrecht. GL stelt ' Artsen zijn pas strafbaar nadat is gebleken dat ze zich niet aan de regels hebben gehouden.' Welke regels precies gelden is onbekend. D66 is positief beoordeeld wegens de volgende passage: 'Ook niet-lichamelijke aandoeningen kunnen een grond voor euthanasie of hulp bij zelfdoding zijn.'

D66 is beoordeeld met 'deels' vanwege de volgende passages: 'Ook niet-lichamelijke aandoeningen kunnen een grond voor euthanasie of hulp bij zelfdoding zijn. De huidige euthanasiewet en -regelgeving, met melding en toetsing, voldoet en hoeft niet worden aangepast.' D66 schrijft ook: 'Voltooid leven. Zelfbeschikking strekt zich voor D66 uit tot het einde van het eigen leven. D66 wil voor alle wilsbekwame volwassenen zoeken naar verantwoorde wegen waarlangs die zelfbeschikking gerealiseerd kan worden, zonder direct een verantwoordelijkheid of claim te leggen bij artsen. (...) Daarbij dient de strafbaarheid van helpers en begeleiders betrokken te worden in lijn met eerdere uitspraken van D66.' Het is niet duidelijk waar in de laatste zin naar verwezen wordt.

D66 is met 'deels' beoordeeld vanwege de volgende passage: ''Voltooid leven. Zelfbeschikking strekt zich voor D66 uit tot het einde van het eigen leven. D66 wil voor alle wilsbekwame volwassenen zoeken naar verantwoorde wegen waarlangs die zelfbeschikking gerealiseerd kan worden, zonder direct een verantwoordelijkheid of claim te leggen bij artsen. (...) Daarbij dient de strafbaarheid van helpers en begeleiders betrokken te worden in lijn met eerdere uitspraken van D66.' Het is niet precies duidelijk waar in de laatste zin naar verwezen wordt.

Het CDA is met 'deels' beoordeeld omdat het geen uitbreiding voorstelt maar wel meldt: 'Daarom staat het CDA pal voor artikel 1 van de grondwet, dat discriminatie op grond van godsdienst, levensovertuiging, politieke gezindheid, ras, geslacht, seksuele gerichtheid of op welke andere grond dan ook verbiedt.'

Toelichting standpunt: Artikel 23 maakt discriminatie op geen enkele wijze mogelijk, iedere interpretatie die deze mogelijkheid toelaat is onwettig. In de afweging van grondrechten prevaleert het discriminatieverbod. CDA en CU willen geen acceptatieplicht voor bijzondere scholen.

Het gaat over art. 28, boek I Burgerlijke Wetboek. Artikel 28 moet worden aangepast aan de Yogyakarta Principes. De PVDA krijgt 'deels' als beoordeling vanwege de volgende zin in het partijprogramma: 'Binnen het homo-emancipatiebeleid is er bijzondere aandacht voor lesbische vrouwen en personen met een transgenderidentiteit.'

Maatwerk en alternatieven als intensieve meldplicht, een verblijf in een gesloten asielzoekerscentrum of elektronisch toezicht

Kwetsbare personen zijn: minderjarigen, gehandicapten, ouderen, zwangere vrouwen, alleenstaande ouders met kinderen, personen met psychische problemen en slachtoffers van marteling, verkrachting of andere ernstige vormen van psychologisch, fysiek of seksueel geweld. Met deels beoordeelde partijen pleiten voor een verbod voor minderjarigen. GL, D66 CU en SP willen (sterke) beperkingen op vreemdelingendetentie.

Het PVDA is met 'deels' beoordeeld omdat ze in vergelijking met GL, D66, CU en SP minder expliciet zijn voor wat betreft mensenrechten en zorg op EU niveau. Het CDA is met 'onbekend' beoordeeld. Het CDA wil harmonisatie in de EU maar spreekt zich niet in morele of mensenrechtentermen uit. Het laat veel 'onbekend' zien bij de asielthematiek. Dit heeft te maken met de beperkte tekst. Het CDA streeft diverse doelen na (moreel, economisch, draagvlak) en wacht gezamenlijk EU beleid af.

Met name EVRM artikel 5 (vrijheid en veiligheid); artikel 3 (verbod op foltering, relevant in gevallen van terugkeer naar onveilige situatie); en de artikelen 6, 7, 8 en 13 (eerlijk proces, geen straf zonder wet, eerbiedwaardiging privé-, familie en gezinsleven, recht op daadwerkelijk rechtsmiddel). VVD schrijft: 'Europese afspraken en (onderdelen van) internationale verdragen moeten het restrictieve Nederlandse beleid ondersteunen, niet tegenwerken. Onnodige of verouderde afspraken of regels moeten daarom worden herzien'. Ze bepleiten een opt-out regeling als regels ons asielbeleid beletten. Vandaar een negatief oordeel.

De PVDA is met 'deels' beoordeeld omdat het programma in vergelijking met GL en D66 minder concreet en uitgebreid is. De CU is met 'deels' beoordeeld omdat ze de nadruk op preventie gepaard laten gaan met een nadruk op strenge regels, duidelijke straffen en (burger)controle. Ze verwijzen - naast pleidooien voor preventie - ook met instemming naar recent beleid: 'Gemiddeld genomen zijn de straffen in Nederland steeds zwaarder geworden'.

CDA is met 'deels' beoordeeld vanwege de grote aandacht voor strafmaatregelen. De ene zin over onder meer door vrijwilligers uit te voeren 'persoonsgerichte nazorgprogramma's' is in vergelijking beperkt.

Diverse partijen zijn onduidelijk. Partijen die systematisch privacywetgeving (zwaar) laten meewegen krijgen een groen vinkje, partijen die zowel privacy willen beschermen als privacy-schendende maatregelen voorstellen krijgen 'deels' en privacy-schenders krijgen een rood vinkje. 'Deels' moet hier dus vooral als 'onduidelijk en tegenstrijdig' worden begrepen. De VVD is van de partijen met 'deels' het meest duidelijk van visie; geen willekeurige databestanden van alle burgers maar wel inbreuken op privacy waar het terrorisme en criminaliteitsbestrijding betreft. De VVD stelt diverse vormen van bestandskoppeling voor. Zie voor specifieke info de privacybarometer.

VVD krijgt 'deels' omdat de partij wel heldere regels over privacybescherming wil, maar deze rechten niet op alle burgers van toepassing acht (zie ook 9.1). Hoe dit precies uitpakt is onduidelijk.

De groen aangevinkte partijen D66 en SP spreken niet over de brede categorie 'biometrische gegevens' maar specifiek over vingerafdrukken. GL spreekt verbied de opslag van vingerafdrukken en gezichtsscans.

GL is met 'deels' beoordeld wegens de passage: 'De overheid verplicht zich tot maximale inspanningen om de gevolgen van identiteitsdiefstal voor slachtoffers te minimaliseren'. D66 wil een meldpunt voor slachtoffers van identiteitsfraude en is daarom met 'deels' beoordeeld.

VVD krijgt 'deels' wegens de nadruk op participatie, studie en zorg en de afwezige aandacht voor vrijwilligerswerk. De VVD spreekt zich niet uit over al dan niet zinvolle participatie en richt zich primair op economische groei. PVV krijgt 'deels' wegens het afwezigheid van vrijwilligerswerk en combinaties werk-studie. De PVV streeft participatie na maar maakt scherp onderscheid tussen elite versus volk en volk versus moslim. Het betreft de participatie van een deel van de burgers.

VVD krijgt 'deels'. Naast een pleidooi voor strenger markttoezicht zet de VVD sterk in op de vrije markt en het terugdringen van overbodige regels en wetten. Er worden geen morele uitspraken gedaan, er wordt niet over lange termijn algemeen belang gesproken.

CDA krijgt 'deels' wegens o.a.: 'Bij het streven naar het uitbannen van de wereldwijde armoede zijn voor het CDA de eigen verantwoordelijkheid van personen en hun gemeenschappen in de betrokken landen uitgangspunt.' & 'Vanwege deze nieuwe realiteit, is de tijd van hulp voorbij'. Ontwikkelingssamenwerking CDA 0.7% BNP. PVDA, GL, SP en D66 geven 0.8%, VVD halveert de omvang van ontwikkelingshulp, PVV schaft hem af en wil alleen noodhulp handhaven.

Alle partijen streven gelijke kansen en eerlijke handel na. De ene partij legt nadruk op de vrije markt, de ander zet meer op overheidsstimulering en regelgeving in. De partijen met 'deels' (VVD en CDA) zijn niet met deels beoordeeld vanwege hun methode (vrije markt) maar vanwege de beduidend grotere aandacht voor de eigen concurrentiepositie en nationale economische groei. Eerlijke handel en gelijke kansen zijn hieraan ondergeschikt. PVV: 'Buitenlands beleid moet uitsluitend in dienst staan van het Nederlands belang'

De SP krijgt een 'nee'. Initiatief en verantwoordelijkheid worden bij overheden en bedrijven gelegd, niet bij burgers. Democratische inspraak vergroten staat wel in het programma. Op andere terreinen is de burger als bron van betekenis, handelen en verantwoordelijkheid afwezig. De PVV krijgt 'nee' omdat de samenleving niet door burgers wordt bepaald maar door afkomst en levensbeschouwelijke oriëntatie. Een deel van de burgers wordt participatie, initiatief en verantwoordelijkheid ontzegd.

Op dit punt zijn GL en D66 het meest expliciet en uitgebreid. De SP krijgt 'onbekend'(zie ook 12.1). Ze verwijzen weinig tot niet naar individuele burgers als bron van moraal, motivatie, inzet of handelen. Wel verwijzen ze naar het vergroten van democratische inspraak. De PVV krijgt 'nee' omdat vooral een bepaalde cultuur wordt gestimuleerd, niet de eigen inzet en motivatie van individuen.

PVV wordt negatief beoordeeld. PVV: 'Op school kom je om hard te werken', niet voor het leren van 'onbegrijpelijke competenties (zoals integriteit)'.

Alleen D66 komt deels aan dit standpunt tegemoet. Ze vinden het huidige artikel 23 van de Grondwet op termijn onhoudbaar. D66 wil het makkelijker maken om een nieuwe school te starten, o.a. door het begrip 'richting' te verruimen naar andere dan alleen religieuze grondslag. GroenLinks en de PVDA krijgen 'onbekend'. Ze gaan uit van art. 23 maar willen wel een acceptatieplicht van leerlingen die de grondslag van de school respecteren (D66 eveneens). VVD zegt niets over art. 23 (krijgt 'onbekend' als oordeel) maar schrijft wel: 'De VVD staat respectvol maar neutraal ten opzichte van religies. Het subsidiëren van religieuze activiteiten, interreligieuze dialogen, moskeeën, kerken of geloofsgemeenschappen is geen taak van de overheid.' Zeer vermoedelijk vallen bijzondere scholen hier niet onder. De VVD meldt wel dat anti-integratieve islamitische scholen moeten sluiten. Onder 3.3 (geen positieve danwel negatieve discriminatie van specifieke religies) krijgt VVD daarom 'deels'. PVV krijgt een 'nee' vanwege de passage: 'Christelijke, Joodse en openbare scholen moeten naast elkaar kunnen bestaan. Wij zijn dus voor behoud van artikel 23 Grondwet. Islamitische scholen gaan daarentegen dicht'. Onder 3.3 krijgt PVV eveneens een 'nee'.

Toelichting standpunt: Artikel 23 maakt discriminatie op geen enkele wijze mogelijk, iedere interpretatie die deze mogelijkheid toelaat is onwettig. In de afweging van grondrechten prevaleert het discriminatieverbod. CDA en CU willen geen acceptatieplicht voor bijzondere scholen.

Op het gebied van milieu scoort VVD 'nee' en CDA 'deels'. In vergelijking met groen aangevinkte partijen zijn VVD en CDA dubbel en bepleiten meer economie én meer ruimte milieu. Het CDA schrijft: ' Maar milieuwetgeving mag niet zó dominant worden, dat er geen kans meer is voor economische ontwikkelingen.' Dit neemt niet weg dat het CDA milieu laat meewegen en technische milieu-innovaties stimuleert, vandaar 'deels'. VVD vindt milieu belangrijk maar wil minder regels en wetgeving, ook op milieugebied. Hoewel CDA en VVD op elkaar lijken, hecht het CDA een sterkere interne waarde aan het milieu (rentmeesterschap). De VVD heeft als eerste en laatste principe economische ontwikkeling. Vandaar het verschil in ons oordeel.

Zie voor CDA ook onder 14.1. Het CDA is dubbel en maakt geen heldere keuzes. Het CDA neigt naar een dominantie van economische en agrarische belangen en krijgt 'deels', VVD krijgt een negatief oordeel. Hun afwegingen lijken op die van het CDA wijzen ze explicieter milieuregels af en lijken biodiversiteit en dierenwelzijn geen interne waarde toe te kennen.

VVD krijgt 'deels' omdat ze geen aparte milieusubsidies willen maar wel 450 miljoen investeren in schone energie voorzieningen. De VVD lijkt vooral te investeren in duurzaamheid vanwege economische mogelijkheden.

PVV wil het huidige volkslied in het onderwijs.

D66 is met 'deels' beoordeld vanwege de volgende passage: 'D66 wil dat het staatshoofd een ceremoniële rol speelt in ons staatsbestel. Het staatshoofd moet geen deel meer uitmaken van de regering. Daarmee kan zijn onschendbaarheid worden afgeschaft.' D66 meldt ook: 'De Koning regeert ook niet meer bij de gratie Gods.' PVV wil de koning uit de regering.

Disclaimer. Deze meetlat is gemaakt door het Humanistisch Verbond en de Humanistische Alliantie. We hebben gebruik gemaakt van de definitieve partijprogramma's. Extra informatie is toegevoegd bij het oordeel 'deels' en indien het toegevoegde waarde heeft. We hebben de partijprogramma's zo zorgvuldig mogelijk geïnterpreteerd op basis van de feitelijke tekst. De volgorde van de genoemde partijen is willekeurig. Voor commentaar en suggesties kunt u mailen naar E.Wit@humanistischverbond.nl. Lees ook de toelichting.

Politieke meetlat Humanistische Alliantie