Kafkaëske strijd om 15 m2 in een verpleeghuis

17 november 2016

Kafkaëske strijd om 15 m2 in een verpleeghuis

Door webredactie

63 jaar getrouwd… en dan uit elkaar gerukt worden door een Kafkaësk, falend systeem. De schoonouders van Ben van Remmerden zijn na een lang en moeizaam proces nog steeds niet herenigd in het verpleeghuis. “De overheid, de politiek, jongens waar hebben we het verdomme over?!”

Door Saskia Markx

Ben van Remmerden (64, gepensioneerd humanistisch raadsman) vertelt hartstochtelijk en strijdvaardig, maar is ook gewoon boos. Het begon met een val van zijn schoonvader (de heer Toepoel) inmiddels twee jaar geleden. De last van de zorg voor zijn vrouw was hem letterlijk te veel geworden. Tijdens zijn val brak hij twee nekwervels en hij moest in het ziekenhuis worden opgenomen. Zijn hulpbehoevende,  rolstoelafhankelijke vrouw bleef achter. Van Remmerden en zijn vrouw schoten te hulp.  

Ben van Remmerden (eigen foto)Kippenhokjes

Er volgde een tijd van herstel, verhuizingen, hereniging en weer apart wonen. Schoonvader ging via het ziekenhuis en tijdelijke verpleegzorg in Nootdorp, weer terug naar huis in Monster. “Want mijn schoonvader kon zich absoluut niet voorstellen dat hij in een verpleeghuis zou eindigen (‘van mijn leven niet’).”  Schoonmoeder - aanvankelijk nog thuis - werd na een kort verblijf in een verpleeghuis in Delft, even tijdelijk, herenigd met haar man in Nootdorp.

Van Remmerden: "Dat was onze eis: het is belangrijk dat zij bij elkaar kunnen zijn." Hij knapte op en ze hadden het best gezellig daar, een kamer van niks, twee kippenhokjes, maar er was veel aandacht en zorg.

Verpleeghuisindicatie

So far so good. Maar nu woont Van Remmerdens  schoonmoeder in De Kreek in ’s Gravesande. Hoe kan dat? “Al vrij snel bleek dat zij veel meer zorg nodig had dan mijn schoonvader: zorgzwaarte zes, en dat betekent een verpleeghuisindicatie. In De Kreek krijgt ze alle hulp die ze nodig heeft.“
Bovendien vaart ze wel bij meer 'stimulans': fysiotherapie, regelmatig bezoek van de arts, maatschappelijk werk, spelletjes en muziekvoorstellingen. Het lukt haar weer wat zelfstandiger te bewegen. Haar zelfvertrouwen nam toe en ze bloeide op. "Binnen een week wist ze alle namen van het personeel."

Ondertussen ging mijnheer Toepoel ook ‘achteruit’. “Nadat we met hem de balans opmaakten, wilden we ervoor zorgen dat ze weer samen zouden kunnen wonen in De Kreek." Het werd een bureaucratische nachtmerrie, gecopypaste uit een verhaal van Kafka: vele gesprekken, van gedoe over de zorgindicatie, fouten in de communicatie, nalatigheden, klachtenprocedures tot  brieven aan de vaste Kamercommissie van VWS toe. Van Remmerden zag de goede wil van zorgverleners  botsen op wat hij als humanistisch raadsman in de zorg als 'systeemdwang' feilloos herkent. Conclusie: zij heeft zorgzwaarte zes, hij vier. Dus konden ze niet bij elkaar geplaatst worden. Kan niet, mag niet, lukt niet.

Recht

Zelfs niet nadat Van Remmerden zelf ontdekte dat ze een wettelijk recht hadden bij elkaar te wonen. De wet die partneropname regelt, waarbij je als partner helemaal geen indicatie hoeft te hebben. Maar dat had niemand hen verteld. En zelfs met de wet in de hand kon het niet geregeld worden. "Dat kan niet," zei de locatiemanager, "want we hebben hier alleen eenpersoonskamers." Dat komt juist prima uit, reageerde Van Remmerden, want mijn schoonvader moet niet in dezelfde kamer als mijn schoonmoeder wonen, want dan gaat hij door zijn grenzeloosheid opnieuw zorgtaken overnemen."

Er werd een alternatief geboden. Ze konden samen bij een ander woonzorgcentrum terecht, ruim 20 km verderop. De Kreek valt immers onder een stichting die wel 25 zorglocaties heeft. Maar dat wees Toepoel resoluut van de hand. Van Remmerden denkt daar zichtbaar ontroerd, met trots aan terug. " Weet je wat hij zei? 'Dat wil ik mijn vrouw niet aandoen. Zij heeft het hier zo ontzettend goed naar haar zin, voelt zich hier zo veilig, is hier zo thuis.Hij wilde niet dat ze nogmaals zou verhuizen en wist waar hij het over had, wat het met haar deed."

Beelden

"En dan zijn het de ouderwetse beelden waar je tegen aan loopt. Verzorgingshuizen en verpleeghuizen waren vooral bedoeld voor alleenstaanden, mensen op hoge leeftijd die vaak hun partner al hadden verloren. Mijn schoonmoeder en schoonvader komen bij elkaar niet eens tot 30 m2. De locatiemanager van De Kreek sprak gelijk over financiële problemen: krijgen wij wel voldoende financiering hiervoor? Dit huis is bedoeld voor zorgzwaarte zes of meer. "

Pas na een kordate actie van het zorgkantoor DSW kon het ineens allemaal wel geregeld worden. De Stichting had immers geen belang bij een conflict met het zorgkantoor, tevens verzekeringsmaatschappij (ook van Toepoel). Wat hem het meeste kwaad maakt? Dat je hele kwetsbare mensen, met een hele levensgeschiedenis, ze zijn 63 jaar getrouwd, dat je die samen niet eens een plekje gunt.

Waardigheid en trots

In de brochure van De stichting lees je: Het leven en het welbevinden van onze cliënten, zoals zij zelf willen. Dáár staan we voor. Het zijn warme woorden die een schril contrast vormen met de realiteit.  "Ook de overheid doet dit", ziet Van Remmerden. "Zoals in de nota Waardigheid en trots. Daarin spreekt staatssecretaris Van Rijn gevoelig over 'de laatste woonplaats van mensen'.  Maar De Kreek is ook de laatste woonplaats van mijn schoonmoeder. En mijn schoonvader vraagt alleen maar een plekje daar. Waar hebben we het verdomme nou eigenlijk over. Het gaat over een plekje van 15 m2 per persoon."

Ondanks de toezegging dat de heer Toepoel vanaf oktober terecht zou kunnen in De Kreek, is dat inmiddels uitgesteld naar december.

Foto: Hollandse Hoogte, de mensen op de foto hebben geen relatie met mensen geportretteerd in dit artikel