Hoe vliegt een vogel? Hoe werkt stoom? Of hoe werken de spieren van onze voeten? Leonardo da Vinci vond veel, zoniet alles de moeite van het bestuderen waard. Religie interesseerde hem niet. Slechts een ding boeide hem: de realiteit. Zijn motto was: Saper Vedere: 'Weet hoe te kijken.' Een nieuw werk in de Humanistische Canon.
Net als de hedendaagse multitasker, had Da Vinci moeite met het afronden van opdrachten. Zelfs zonder nieuwe media, fragmenteerde zijn aandacht. Da Vinci leert ons dat dit geen probleem hoeft te zijn, als je maar goed blijft kijken. Hij was een homo universalis.
Naast schilder, tekenaar en beeldhouwer, was hij musicus, kaartenmaker, werktuigbouwkundige, ontwerper, architect en verdiepte hij zich in vakgebieden als de geologie, anatomie, astrologie en biologie.
In 1452 wordt Leonardo net buiten Florence nabij Vinci (vandaar 'da Vinci') als onwettig kind geboren. Zijn vader was notaris en kon Leonardo een gedegen opvoeding geven, maar het notarisvak stond niet open voor bastaardkinderen. Al op jonge leeftijd - rond zijn 15e - stuurt zijn vader hem als leerling naar de werkplaats van kunstenaar Andrea del Verrocchio. Leonardo bleek uitzonderlijk talentvol.
Leonardo was ervan overtuigd dat de gebruikelijke manier van kennisvergaring in de 15e eeuw, weinig echte kennis bood. Om de wereld te begrijpen, deed men in deze tijd van sterke geloofsijver een beroep op de bijbel en kerkelijke tradities. Gedurende de Renaissance kwam hier verandering in.
Het ideaal van de contemplatieve monnik werd vervangen door het ideaal van de wereldse en actieve mens die het leven op aarde wilde begrijpen en praktisch verbeteren. Dit is terug te zien in de schilderkunst, die vaak nog religieus van aard is maar de aandacht sterker richt op de afgebeelde figuren zelf, in plaats van op hun religieuze betekenis.
Leonardo onderzocht de spieren en botten van het menselijk lichaam, om het beter te kunnen afbeelden. Door systematisch, precies, herhalend en natuurgetrouw alles te tekenen en op te schrijven, probeerde hij de werkelijkheid niet door andermans, maar door eigen ogen te zien. Een belangrijk motto voor Leonardo is dan ook: Saper Vedere: 'weet hoe te kijken'. Hij zag overal patronen en verbindingen (tussen een waterkolk en een bloem, tussen de bloedsomloop en rivieren), hij combineerde logisch denken met schoonheid, was gefascineerd door paradoxen en onduidelijkheid, hij toetste zijn kennis aan en in de praktijk en had leefregels om niet alleen zijn geest maar ook zijn lichaam gezond en krachtig te houden.
Leonardo wilde vooral alles zelf onderzoeken en ervaren. En de zintuigen - meer specifiek de ogen - vormen zijn belangrijkste bron. Hierin week hij af van andere humanisten, die niet de zintuigen maar de rede als bron van kennis zagen. In de traditie van het humanisme zie je beide methoden terugkomen, bijvoorbeeld in de ervaringsgerichte Hume en in de op rede gerichte Kant.
Wat kunnen we leren van Da Vinci? Veel. Nieuwsgierigheid, aandacht, een oog voor onverwachte verbanden, creativiteit, geduld, brede belangstelling, goed kijken, experimenteren en vooral vertrouwen in je eigen vermogens tot onderzoek. Lees verder in de Humanistische Canon
*Op de ledendag ter gelegenheid van het 65-jarig bestaan van het Humanistisch Verbond presenteren we de multimediale Grote HumanCanonShow.
Deze wervelende voorstelling geeft u een kijkje in de rijke traditie van het humanisme, vertaald naar het nu. Aansprekende pleitbezorgers als o.a. Spinoza-kenner Mirjam van Reijen, de Amsterdamse wethouder Andrée van Es en de ‘denker des vaderlands’ Hans Achterhuis gaan met u, andere gasten en elkaar in discussie, beantwoorden vragen en geven hun eigen interpretatie.*