Wat is de diepere zin van de dood, met name de dood van een ander? In het boek 'Overlevingskunst' gaat Christa Anbeek te rade bij verschillende filosofen, denkers en levensbeschouwingen. In het boek spiegelt ze de lessen die ze daaruit trekt aan haar persoonlijke confrontaties met de dood.
De dood.Het is helaas een rode draad geworden in het leven van Christa Anbeek (1961). Een paar jaar geleden overleed haar intens geliefde partner Paul aan een acute hartstilstand tijdens een bergwandeling. Twintig jaar eerder verloor ze in korte tijd haar ouders en enige broer.
Al enig jaren verdiept ze zich in het zenboeddhisme. Maar na het overlijden van Paul, biedt het boeddhisme haar weinig troost. En is mediteren te pijnlijk. Zij wordt geconfronteerd met existentiële vragen: Kan levenskunst helpen het leven weer vorm te geven als je geliefde sterft?
Of wordt het puur overleven?
Waarom heb je dit boek geschreven?In de eerste plaats voor mezelf, vanuit nieuwsgierigheid. Ik wilde ontdekken welke levensbeschouwelijke stromingen zonder hulp van een hogere werkelijkheid een antwoord proberen te formuleren op de dood en het leven. En of ik daar iets mee kan.
Ja, oorspronkelijk stelde ik mij deze innerlijke reis voor als een zeiltocht. Het schip zou varen over de zee van vergankelijkheid. Ik zou niet de enige passagier zijn, er waren veel meer ontdekkingsreizigers aan boord. Allemaal met hun eigen ervaringen en vragen over mensen en dingen die voorbij zijn. Het schip zou op verschillende eilanden verschillende antwoorden vinden op de dood. Uiteindelijk was deze vorm niet zo handig: daarom is het nu een brief aan mijn dochter geworden.
Dat komt door mijn levensverhaal. Mijn ouders en broer stierven vlak na elkaar, waarbij mijn vader en broer zelf kozen voor de dood. Ik heb vanaf die tijd heel sterk een druk gevoeld dat ik daar iets tegenover moest zetten, alsof ik ook voor hen moest leven. Het confronteerde mij bovendien met de vraag: wat doe ik? De dood trok aan mij. Mijn antwoord daarop was het krijgen van een kind.
In principe wel, maar dat helpt niet als je geliefde overlijdt. Yalom schrijft dat de dood van een ander een goede gelegenheid is om stil te staan bij de eigen dood. Maar als de dood je treft, heb je iets anders nodig. Dan heb je meer aan de verbinding met anderen. Die eenzaamheid van de eigen dood voel ik zelf al genoeg. Dat drijft me bij wijze van spreken alleen maar meer een depressie in.
Die verbinding met anderen is overigens geen vlucht, maar iets wezenlijks van het leven.
Het te veel richten op de eigen dood en het leven, vervreemdt je ook van anderen. Mensen met intense verlieservaringen zoeken juist verbindingen.
Levenskunst biedt veel filosofische inzichten en oefeningen om beter bestand te zijn tegen het leven. Zelfzorg, de zorg voor het lichaam, oefeningen en meditatie, jezelf leren kennen, de autonomie over je leven: het is allemaal belangrijk natuurlijk, maar voor mij al min of meer vanzelfsprekend.
Maar hoe ga je om met de scheur die de dood van een ander in jouw bestaan is?
Daar krijg ik niet voldoende antwoord op. Misschien is het zo dat levenskunst is weggelegd voor hen die in de relatieve kalmte van het leven vertoeven, en minder voor hen die in de stormen overeind moeten blijven. Als je leven aan stukken is geslagen, ben je wellicht niet toe aan levenskunst.
In de levenskunst wordt gematigdheid en redelijk omgaan met emoties gepropageerd en dat helpt mij niet altijd.
Ik heb meer troost gevonden in het gevoel van de herkenning dat ik heb ervaren toen ik het werk van schrijvers als Kristien Hemmerechts en Anna Enquist las.
In haar boek schrijft Anbeek daarover:
Schaamteloos geven zij (deze auteurs, red.) inzicht in de heftigheid van hun gevoelens: de bitterheid, het afgrijzen, de wanhoop, het verlangen naar de verloren nabijheid, zonder daarbij de indruk te wekken naar iets hogers te streven, zoals zelfbeheersing of gematigdheid.
Ik was altijd al kritisch, maar het boeddhisme heeft zeker iets te bieden. Het is belangrijk om je ik-gerichtheid te relativeren. Dit kan door meditatie. Zelf heb ik veel aan zenmedititatie gedaan. Je merkt dan dat de werkelijkheid groter is dan jezelf of je reacties op de werkelijkheid.
Ook is het belangrijk om alles toe te kunnen laten wat je denkt en voelt en daar niet over te oordelen of het weg te houden. Als je je gevoelens en gedachten goed leert waarnemen en daarover niet oordeelt, kun je dat ook gemakkelijker bij een ander en dat helpt om echt contact te leggen.Daarmee kun je je drijfveren onderzoeken en loslaten. Toen ik zelf als Geestelijk Verzorger werkzaam was, heb ik daar heel veel aan gehad.
Wat ik lastig vind in het boeddhisme is de grote nadruk op het oefenen te sterven. Het leven wordt gezien als één grote voorbereiding op de dood. Maar met de leer van de wedergeboorten heb ik niet zoveel. Als leven dan alleen maar voorbereiden voor het sterven is, mis je volgens mij veel.
Het denken over eindigheid, kwetsbaarheid en afhankelijkheid en hoe je ertoe moet verhouden, is nog niet goed ontwikkeld in Nederland. Daarbij ligt de nadruk vanuit het Humanistisch Verbond wat mij betreft te veel op zelfbeschikking en autonomie. Ook kwetsbaarheid en afhankelijkheid kun je als waarden van het leven zien. Doordat wij kwetsbaar zijn, is veel niet van zelfsprekend. Afhankelijkheid, iets dat altijd een rol speelt, maakt zichtbaar hoe belangrijk verbindingen met anderen zijn. Afhankelijkheid en kwetsbaarheid drukken ons ook met onze neus op verantwoordelijkheid en solidariteit. Ik zou graag dat geluid meer naar voren willen brengen.
In mijn werk als geestelijk verzorger heb ik gezien hoe belangrijk dat is.
Onder invloed van bezuinigingen komt de driejarige masteropleiding misschien wel onder druk te staan. Geestelijke verzorging of aandacht voor zingeving en levensvragen is iets wat voor vele mensen van belang kan zijn, met name ook buiten de muren van instellingen, dus extramuraal. Daarom willen we bijvoorbeeld de GV veel meer profileren in andere werkvelden. Dat doen we door mensen te stimuleren andere stages te gaan lopen.
Christa Anbeek is universitair hoofddocent bestaansfilosofie aan de Universiteit voor Humanistiek en werkzaam geweest als geestelijk verzorger in de psychiatrie.
Lees ook het interview in Dagblad Trouw had met Christa Anbeek van 28 december. Er is een film beschikbaar waarin Dick Swaab uitlegt wat hij onder uitburgeren verstaat en waarom dat nodig is. Zie ook human.nl
Het boek kunt u bestellen via bol.com
Kijk in ons dossier levenskunst