Deze week bestaat de VGVZ 40 jaar. Dat is een landelijke beroepsvereniging voor alle geestelijk verzorgers. Humanistisch geestelijk verzorger Jasper Smits is sinds februari 2011 voorzitter van de Humanistische Sectorraad in de VGVZ. Ik ga ervan uit dat de VGVZ het belang van ons beroep goed over het voetlicht zal blijven brengen.
Ruim een jaar geleden werd Smits benaderd om toe te treden als lid, dat deed hij, en later werd hij voorzitter van de Sectorraad. Waarom? Ik vind het altijd leuk om na te denken over het beroep van geestelijk verzorger en mijn ideeën daarover naar buiten te brengen. Het zicht op het beroep en de waarde ervan voor de mensen raakt uit beeld door de vele ontwikkelingen in de zorg. In de VGVZ kunnen we er gezamenlijk met geestelijk verzorgers uit andere sectoren (van de denominaties: Katholiek, Protestants, Joods, Islamitisch en Hindoe) voor zorgen dat dat niet gebeurt.
Profilering en samenwerking
Profilering is volgens Smits een belangrijke uitdaging voor de komende tijd. Op maatschappelijk niveau is de VGVZ er om onze belangen te behartigen en zichtbaar te maken wat we doen. Dat doen we niet voor onszelf, maar voor onze cliënten, mensen in de ouderenzorg of in de psychiatrie, die met levensvragen bij ons komen en daarover willen praten. Wij zijn belangrijk om in een steeds meer geïndividualiseerde samenleving deze levensvragen te expliciteren en de cliënt te ondersteunen in het omgaan met die vragen. Het klassieke beeld bij veel mensen van de geestelijk verzorger is dat van de herder die voor zijn schaapjes zorgt. Los van dat humanisten zich daar natuurlijk niet in herkennen is dat beeld niet meer van deze tijd Inmiddels is er een pluriform aanbod van geestelijk verzorgers die op eigentijdse wijze hun clienten geestelijk begeleiden. In toenemende mate wordt op inhoud binnen de VGVZ goed samengewerkt tussen verschillende denominaties. Onze cliënten kennen de waarde voor de samenleving wel, maar beleidsmakers, managers en politici beslissen natuurlijk over het geld.
Smits: Ik wens de VGVZ de komende tijd toe dat het lukt het belang van ons beroep goed over het voetlicht te brengen. Dat is best een uitdaging, onder meer omdat het beeld van wat een geestelijk verzorger aan het veranderen is. Maar ook ook omdat er steeds meer ongebonden geestelijke verzorgers zijn. Zij kunnen zich op dit moment niet aansluiten bij de VGVZ, hoewel sommige wel werken als GVer.
Smits:De kunst is deze groep erbij te betrekken zonder het specifieke eigene van het beroep te verliezen en toch de kwaliteit te borgen, Een belangrijke stap daarin is de oprichting van en ontwikkeling van door een kwaliteitsregister (SKGV). Daardoor ontstaat duidelijkheid over het beroep en wat klanten (managers, zorginstellingen) kunnen verwachten van een GVer. Hierdoor moet er ruimte zijn voor allerlei soorten geestelijk werkers, maar moet wel duidelijk zijn wat de richtlijnen zijn.
In de huidige wetgeving staat de gedachte centraal dat elke burger toegang moet hebben tot geestelijke verzorging die aansluit bij de eigen levensovertuiging. De zendende organisatie zorgt voor de wettelijk vereiste ambtelijke binding. De overheid bemoeit zich niet met de borging van de levensbeschouwelijke competentie (bevoegdheid), dat doen de levensbeschouwelijke instellingen (zoals het Humanistisch Verbond) zelf.
Deze week vierde de VGVZ haar 40-jarig jubileum. Kijk op www.vgvz.nl
Kijk op de dienstenpaginas