Zoeken

Vrijheid is altijd en overal voorwaardelijk: Dohmen over Foucault

De meeste geluksprofeten staan buiten het echte leven en geven valse hoop. De levenskunst van Foucault laat zien dat onze vrijheid een weerbarstige praktijk is. Dat vindt Joep Dohmen. Op 26 januari geeft hij voor Studium Generale (UU) een lezing over de filosoof Michel Foucault onder de titel Het leven een kunstwerk.

Foucault heeft levenskunst in de 20ste eeuw weer op de kaart gezet, hoe kwam hij daartoe?

Rond 1975 ontmoet Foucault denkers en schrijvers als Peter Brown, Pierre Hadot en Paul Veyne.
Zij wezen op de belangrijke rol van de moraal in de klassieke oudheid. Daar was levenskunst en zelfzorg een maatschappelijke praktijk: je moet zorg dragen voor jezelf en dat op een breed scala van gebieden. Lichamelijk: verzorging, voeding, seksualiteit en genot. Maar ook mentaal door aandacht, zelfbeheersing en omgaan met gezag. En sociaal: in je  relaties en omgang met anderen. Die bestaansethiek ging hij bestuderen en zijn bevindingen kan iedereen lezen in die mooie blauwe uitgaven van de SUN: 'Het gebruik van de lust' en 'De zorg voor zichzelf' (beide uit 1984).

Foucault was toch een politiek denker, wat heeft dat met levenskunst te maken?

Dat klopt, en dat is hij altijd gebleven ook al maakte hij een wending naar de ethiek.
Tot dan toe had hij de speelruimte van het menselijk handelen, van de subjectiviteit vooral bestudeerd vanuit determinerende factoren uit de (mens)wetenschap, de economie en de taal.
Toen ontdekte hij dat mensen ook zelf wel degelijk een creatieve inbreng kunnen hebben bij de vorming van hun identiteit, via wat hij noemt zelftechnieken. Dan gaat het om zelfkennis en kennis van de context, om oefening, oriëntatie en timing. Foucault heeft zijn eigen levenskunst of bestaansethiek getypeerd als vrijheidspraktijk. Elk mens moet leren om in zijn eigen context zijn of haar eigen vrijheid in praktijk te brengen. 

Het leven een kunstwerk: dat klinkt prachtig, maar ook een beetje elitair. Als mens moet je daar toch ook de voorwaarden voor hebben of kunnen scheppen?

Ik begrijp die tegenwerping heel goed. Het is precies het bezwaar dat Foucault een groot deel van zijn leven tegen het humanisme, zowel het filosofische als het levensbeschouwelijke humanisme heeft gehad. Hij voerde een heftig debat met Sartre over de menselijke vrijheid. Heel lang heeft hij de mens eerder als gevolg dan als oorzaak opgevat. De late Foucault denkt daar vervolgens een stuk genuanceerder over. Maar dan komt hij ook weer wat dichter bij het existentialisme. De vraag is of het elitair is om mensen een zekere vrijheid en verantwoordelijkheid toe te kennen.

Wat is de waarde van Foucaults late ethiek?

Dat hij nu juist níét elitair denkt. Als hij over vrijheidspraktijk spreekt, dan wijst hij erop dat vrijheid altijd relatief is en gesitueerd is. De late Foucault blijft een scherp oog houden voor de macht en machtsverhoudingen. Hij laat zien dat onze vrijheid een weerbarstige praktijk is. Dat is nu juist het knappe aan zijn werk. Elk levend mens ervaart toch aan den lijve dat vrijheid altijd en overal voorwaardelijk is, dat er altijd invloeden zijn, sturing en inperking. Daarmee kun je een groot deel van de huidige zogenaamde levenskunst - positief denken, new age, mindfulness, the secret, het geluksdenken, noem maar op -  als naïef en ideologisch afwijzen. De meeste geluksprofeten staan buiten het echte leven en scheppen valse hoop. Het hele liberalisme is trouwens op dit punt naïef, alsof zelfbeschikking zomaar voor iedereen is weggelegd. De grote waarde van Foucaults levenskunst is dat hij je niet voor de gek houdt. Zijn concept van vrijheidspraktijk laat zien waar de ruimtes liggen.

Jij schrijft zelf veel over levenskunst: ben je het met hem eens?

Ja en nee. Ik vind zijn opvatting van levenskunst als een vrijheidsspraktijk hoogst interessant. Maar het is niet ver genoeg uitgewerkt. Vergis je niet, Foucault stierf veel te jong, hij was net 56. Hij heeft gewoon niet genoeg tijd gehad. Ik denk dat het verband tussen actorschap (zelfschikking), relaties en maatschappelijke context nog meer moet worden doordacht.

Hoe staat het met het leven dat Joep Dohmen heet, hoe ziet jouw kunstwerk eruit?

Vergis je niet in dat woord kunstwerk. Het gaat niet om een kunstwerk op dezelfde manier als waarop een artefact of schilderij dat is: dat zijn artistieke eindproducten. Je eigen leven is een levende vorm die je steeds moet onderscheppen, scheppen en herscheppen. Het proces van zelfontplooiing is nooit af, maar blijft altijd gaande, tot aan je dood. Foucault beoogt een open en vitale levensvorm. Voorkom dat je wordt afgesloten wordt, blijf openstaan voor verandering en vernieuwing. Dat is de boodschap. Mijn eigen kunstwerk? Ik loop nogal tegen de afsluitingen aan. Overal staan hekken en afrasteringen. Omdraaien of eroverheen, ik vind het moeilijk.

Joep Dohmen is hoogleraar Wijsgerige en Praktische Ethiek aan de Universiteit voor Humanistiek  

Meer informatie

Kijk op de website van Studium Generale voor het programma en de opnames en verslagen van vorige lezingen in de serie Levenskunst. 

Meer lezen, kijken en luisteren

Kijk in ons dossier levenskunst

 

Gepubliceerd:20-01-2010

Nieuws