
Woensdag 14 oktober werd 'Raadsman, heeft u nog raad?' gepresenteerd. Een boek met persoonlijke verhalen van humanistisch raadsman bij het Korps Mariniers Erwin Kamp. Voorzitter van het Humanistisch Verbond Rein Zunderdorp prees het boek, omdat het zichtbaar maakt hoe geestelijke verzorging bijdraagt aan de humanisering van de krijgsmacht.
Het boek bevat persoonlijke, ontroerende, komische en soms heftige verhalen uit de praktijk van de geestelijke verzorging. 'Het beoogt meer te zijn dan een bundel verhalen', vertelt Erwin Kamp daags na de presentatie van zijn boek.
Uit het ledenonderzoek van het Humanistisch Verbond komt naar voren dat leden het humanistisch geluid in de samenleving belangrijk vinden en dat ze willen dat vaker en meer verteld wordt waar het humanisme voor staat.
Daarom bevat het boek naast persoonlijke verhalen ook informatie over het humanisme. Zo heeft de directeur van het Humanistisch Archief, Bert Gasenbeek, enkele hoofdstukken geschreven over de geschiedenis van het humanisme, de geschiedenis van de Dienst Humanistisch Geestelijke Verzorging en het Humanistisch Verbond. Ook oud-voorzitter van het Humanistisch Verbond Rob Tielman werkte mee aan de uitgave en schreef de inleiding.
Kamp hoopt dat zijn boek kan dienen als casuïstiek voor UvH-studenten en het inzichtelijk maakt waar de geestelijke verzorging voor staat.
Rein Zunderdorp, die het boek woensdag in ontvangst nam, vond dat Kamp daar goed in is geslaagd. 'Nut en de noodzaak van de geestelijke verzorging worden helder. De bijzondere positie van de geestelijke verzorging, namelijk als vrijplaats binnen het militair systeem, wordt goed naar voren gebracht, alsook humanistische idealen als zelfbeschikking en gelijkwaardigheid. '
Ruim tachtig mensen waren aanwezig bij de boekpresentatie: familie en vrienden, mensen van de krijgsmacht, collega's van de auteur, maar ook gerenommeerde humanisten zoals oud-voorzitter van het Verbond Rob Tielman.
Het schrijven van het boek heeft in zekere zin therapeutisch gewerkt, ontdekte Kamp.
'Tien jaar lang ben ik nu geestelijk verzorger. Acht jaar daarvan was ik onderweg, je zit in een maalstroom van ervaringen. Door het schrijven van het boek kon ik wat meer afstand nemen en opnieuw doordenken wat ik heb meegemaakt. Ik heb de mensen die ik heb begeleid om toestemming gevraagd en hun eigen verhaal voorgelegd. Ze gaven mij terug het goed te vinden om het terug te lezen. Het feit dat ze toestemming voor publicatie geven, zegt mij ook hoe zij de soms ingrijpende gebeurtenissen een plaats in hun eigen leven hebben gegeven. Daar had ik nooit zo bij stil gestaan.'
Erwin Kamp werkte tien jaar lang als geestelijke verzorger bij het Korps Mariniers, vaak onder erg moeilijke omstandigheden, zoals tijdens verschillende missies, onder meer in Eritrea en Irak.
Het veranderde zijn leven en kijk op de wereld. 'Ik verloor vrienden omdat ik lang weg was. Ik besef nu meer in wat voor welvaart we leven en dat Nederland niet het centrum van de wereld is. Zijn tijd in de dienst leerde hem ook iets over de unieke positie van de geestelijke verzorging in België en Nederland. Er was een Canadese pater die mij vroeg over mijn werk. But if you don't worship God, what do you worship than, the devil? Tja, dan realiseer je je dat er een wereld is te winnen voor de humanistisch geestelijke verzorging in internationaal verband.'
Over de betekenis die aan de geestelijke verzorging in de krijgsmacht in Nederland wordt gegeven,
is de humanistisch raadsman wel tevreden. 'Het klassieke beeld van een hiërarchisch systeem waarin 'zelf denken' niet wordt gewaardeerd', klopt niet helemaal, denkt Kamp. De krijgsmacht ziet heus wel in dat als personeelsleden tevreden zijn, ze ook beter presteren. Heel veel dingen gaan goed. We worden als geestelijk verzorgers serieus genomen. Als een commandant tegen me zegt dat ik zijn 'morele thermometer' ben, dan zegt dat wel iets. En als ik een ongevraagd advies over het beleid wil geven, dat kan ik dat gewoon doen, zonder dat de deur wordt dichtgehouden.
Dat betekent niet dat Kamp zijn ogen sluit voor de zaken die minder goed gaan. In het verhaal 'De Snurkcompagnie' beschrijft hij de kwestie van twee mariniers in Irak die onder zeer moeilijke omstandigheden in slaap waren gevallen op wacht.
Snurken op wacht is een doodszonde. Ik geef er zelf geen oordeel over. Vanuit levensbeschouwelijk oogpunt is het mijn taak er wel vragen bij te stellen. In hoeverre hebben deze mannen hun zelfbeschikkingsrecht kunnen invullen, was daar wel ruimte voor of helemaal niet? En hoe wenselijk is dat? Mariniers gaan tot het einde door. Ze zullen niet snel opgeven en hun leidinggevende zeggen dat ze iets niet kunnen. Mijn taak is natuurlijk ook mensen de kracht te geven met dit soort morele dilemma's en de gevolgen daarvan binnen de krijgsmacht om te gaan.
Mensen kracht geven gaat niet vanzelf. Welke eigenschappen heb je daar voor nodig als raadsman? 'Zelfreflectie is ongelooflijk belangrijk, daarbij gaat het er ook om je eigen vooroordelen tegen het licht te houden. Daarnaast moet je onvoorwaardelijk betrokken zijn. Authenticiteit is ook cruciaal, zeker bij de mariniers, want die doorzien je zo als je een rol speelt. '
Empathie is de andere eigenschap die je als raadsman moet hebben. Dat gaat bij Kamp min of meer vanzelf. Als ik een meisje van drie moet begraven, dan hoef ik geen moeite te doen me in te leven. Ik heb zelf een zoon van tien. Dan houd ik het niet droog. Dat spreekt voor mij voor zich dat ik dan meevoel. Als geestelijk verzorger moet je dat wel toelaten; je hebt toch een andere taak dan een psycholoog of bedrijfsmaatschappelijk werker bijvoorbeeld, die zal meer afstand bewaren.
Uit de verhalen in het boek komt het beeld van een geestelijk verzorger naar voren die bevlogen is en fel kan zijn als het gaat om onrecht. 'Je moet geen ja-knikker zijn. Ik wil onrecht wel eens aan de kaak stellen. Die ruimte hebben wij ook als geestelijk verzorger, vanwege onze vrijplaats. Daarnaast heb ik geleerd politiek-strategisch te denken en daardoor dingen te bereiken.'
Gebrek aan ambitie kan Kamp niet ontzegd worden, blijkt ook uit de verhalen. Hij geeft dat toe. 'Geestelijk verzorger zijn is voor mij een manier van leven, meer dan een baan van negen tof vijf. De beste raad die ik ooit van Bert Gasenbeek, mijn goede vriend, heb gekregen was dan ook: ga eens lekker in een stoel zitten in de tuin en probeer niet steeds over die schutting te kijken.
Lukt dat? Ja, de laatste jaren gaat dat steeds beter.'
Erwin Kamp is werkzaam als Staffunctionaris Inhoudelijk Beleid bij DHGV Defensie.
Vindt u op de site van de uitgever.
Lees ons dossier over de rol van de geestelijke verzorging in de samenleving.
Gepubliceerd:16-10-2009