Op verschillende plaatsen in het land start de gesprekscyclus 'Praten over de dood' weer. Waarom zou je dat doen, praten over de dood? Wat komt in de cursus aan de orde en waarom geven mensen deze cursus? Aan het woord zijn Antje Bömer en Wijnanda Klaver. Zij leiden regelmatig de cursus 'Praten over de dood'.
De cursus, of gesprekscyclus Praten over de dood is bedoeld voor mensen die behoefte hebben om de dood bespreekbaar te maken, voor zichzelf en voor hun omgeving. Het is geen lotgenotengroep, al zullen mensen die ineens 'nabestaande' zijn geworden meer belangstelling hebben over de dood te praten. Dat geldt ook voor sommige cursusleiders: Bömer: 'Toen ik de cursus deed om begeleider te worden van deze gesprekscyclus had ik zelf net een zware fase achter de rug. Maar ik had eigenlijk nooit geleerd om over de dood te praten en ik merk dat dat vaak zo is. Veel mensen vinden de dood eng, houden hun mond erover en kunnen dan vaak ook niet goed rouwen.
Dat gold ook voor mij. Het geven van de cursus geeft haar veel voldoening: 'Het leiden van de gesprekken heeft mijn leven veranderd. Ik vind het fijn dat ik het over de dood kunnen praten kan doorgeven.' Bömer is inmiddels 70 jaar en heeft de cursus al zo'n tien keer gegeven.
Wie ontmoet je tijdens de cursus?Natuurlijk komen er veel verschillende mensen op de cursus af. Zo geeft Bömer een voorbeeld van een mevrouw die zich ooit aanmeldde voor de cyclus. Bömer: 'Deze mevrouw had een man die leed aan een agressieve vorm van dementie. Al gauw kon ze niets meer met hem bespreken. Omdat ze geen kinderen had waarmee ze over de ziekte en de dood van haar man kon praten en ze toevallig een advertentie zag voor de cursus, gaf ze zich op. Zo had ze alle gelegenheid erover te spreken en zich te "warmen" aan de andere deelnemers. Zij voelde zich erdoor gesterkt.'
De cursus, die werd ontwikkeld door het Humanistisch Verbond, Yarden, Humanitas en Stichting Humanistische Uitvaartbegeleiding, is een cyclus van zes gesprekken. Aan de orde komen onderwerpen als: de dood in onze samenleving; levensbeschouwing en de dood, kinderen en de dood; sterven en stervensbegeleiding, zelfdoding en euthanasie; de uitvaart en regelingen bij en na een overlijden en rouw en rouwbegeleiding.
Na 20 jaar een eigen praktijk gerund te hebben voor sportmassage, coaching en stresscounceling, besloot Wijnanda Klaver iets anders te gaan doen. Ze ging een dag per week in een crematorium werken. Algauw werden dat er drie. Ontspannen vertelt ze hoe leuk ze dit werk vindt.
Klaver: 'Vooral tijdens een bijeenkomst na het overlijden van oudere mensen, zie je vaak bij de kinderen dat de overledene zoveel voor hen betekend heeft, dat is zo mooi om te zien.'
Drie jaar geleden besloot ze de opleiding te doen om gespreksleider te worden. Ze had zelf inmiddels veel doorgemaakt en over leven en dood nagedacht. Natuurlijk ook door het werk in het crematorium. Dat is ook de plaats waar zij de cursussen geeft.
Klamer: 'Na de laatste bijeenkomst geef ik altijd een rondleiding door het crematorium, dat vind ik leuk om te doen. Na afloop praten we erover en dan blijkt dat veel mensen door al die informatie het makkelijker vinden om erover te spreken.' Dat is voor haar dan ook het belangrijkste doel van de gesprekken: 'dat mensen minder bang zijn voor de dood en ze daardoor ook een bredere kijk op het leven (en de dood) krijgen. Als mensen hun angst overwinnen en voor zichzelf een drempel over zijn gegaan en bijvoorbeeld met meer gemak naar een overledene kunnen kijken, dan denk ik: "Je bent cum laude geslaagd".'
In Breda start vanaf maandagmorgen 7 september 2009 (9.30 u. - 11.30 u.), de gesprekscyclus 'Praten over de dood: hoe doe je dat?'. De cyclus beslaat zes maandagochtenden en een bezoek aan het hospice.
Deelname kost 55,- / 40,- voor leden. Voor aanvullende informatie: kantoor Humanitas Breda, 076-5614693, humanitasbreda@hetnet.nl. Aanmelden kan bij Yarden, liefst vóór 28 augustus via: 088-9 27 32 84 of pratenoverdedood@yarden.nl
Gepubliceerd: 20-08-2009