Humanistisch Verbond op Twitter Humanistisch Verbond op Facebook Humanistisch Verbond op YouTube

Zoeken

Opnieuw discussie over de rol van psychiaters bij de doodswens van psychiatrische patiënten bij de tweede publieksvertoning van 'Mag ik dood'

Op 21 juni, Wereldhumanismedag, vond de tweede drukbezochte publieksvertoning met debat plaats naar aanleiding van de documentaire ‘Mag ik dood’. Na de vertoning van de film ging een panel, waaraan onder andere Humanistisch Verbond-directeur Ineke de Vries deelnam, met het publiek in gesprek over de dilemma’s rond de doodswens van patiënten met een psychische aandoening.

Volgens Ineke de Vries, directeur van het Humanistisch Verbond, blijkt uit de film ‘Mag ik dood’ – en het debat eromheen – het onvermogen om als samenleving in gesprek te gaan over de doodswens van psychiatrische patiënten. In de paneldiscussie die op 21 juni plaatsvindt na de vertoning van ‘Mag ik dood’ in een bomvolle zaal in het Apeldoornse CODA-museum, benadrukt ze dat het van het grootste belang is dat mensen die niet meer willen leven, gehoord worden. Daarmee wil het Verbond psychiaters – die zich doorgaans verre houden van hulp bij zelfdoding – niet veroordelen. Het gaat om de vraag of mensen zelf mogen beslissen dat ze een einde aan hun eigen leven maken en of ze dan geholpen mogen worden om het levenseinde menswaardig te laten zijn.

De kwesties waarvoor De Vries aandacht vraagt in de paneldiscussie na de Apeldoornse publieksvertoning van ‘Mag ik dood’, die werd georganiseerd door de afdeling Apeldoorn van het Humanistisch Verbond, zijn ook al aan bod gekomen tijdens de eerste publieksvertoning van de documentaire op 29 mei in Den Haag. Toen discussieerden onder andere Els Borst, Femke Halsema, ethica Inez de Beaufort en psychiater Fons Tholen over de noodzaak het taboe op hulp bij zelfdoding aan patiënten met chronisch psychische klachten onder psychiaters te doorbreken.

Aan het debat in Apeldoorn nemen andere deskundigen deel, maar ook zij komen tot de conclusie dat psychiaters een belangrijke rol spelen bij de menswaardigheid van het zelfgekozen levenseinde van psychiatrische patiënten.

Rob Jonquière, directeur van de Nederlandse Vereniging voor een Vrijwillig Levenseinde (NVVE), vraagt zich af waarom psychiaters niet de ruimte nemen die de euthanasiewet hen biedt. ‘DE NVVE krijgt jaarlijks 150 mensen die bij de GGZ geen gehoor krijgen voor hun doodswens. Hun angst of klacht is vaak: als ik het zeg, word ik opgesloten.’ Omdat de NVVE geen behandelaar is, kan de vereniging de medicijnen voor een humane zelfdoding niet verstrekken. Psychiaters kunnen dat, net als huisartsen, wel. ‘Wat is de psychiater anders dan de huisarts? Die voeren 80 tot 90% van alle gevallen van euthanasie uit. Die staan ook niet te springen, maar nemen wel de verantwoordelijkheid. Waarom kunnen psychiaters dat niet?’

Psychiater Adger Hondius, geneesheer-directeur van GGZ-instelling ‘De Meerkanten’ in Ermelo, geeft aan het moeilijk te vinden de doodswens van patiënten te bespreken. ‘Als je het gesprek aangaat wanneer een patiënt met die wens komt, dan moet je die wens ook uitvoeren als iemand dat werkelijk wil. Anders laat je iemand pas echt in de steek. Ik zou heel graag kunnen verwijzen naar een centrum of groep waar die wens - als aan de criteria van de euthanasiewet voldaan wordt - kan worden uitgevoerd. Zelf zou ik geen hulp bij zelfdoding willen verlenen. Ik werk in een grote instelling met veel patiënten die achterdochtig zijn en angsten hebben. Als bekend wordt dat we ook mensen dood maken, kan dat bij patiënten grote angst teweeg brengen. De rol van behandelaar gaat slecht samen met de rol van degene die hulp geeft bij zelfdoding.’

Ton Vink, counselor bij Stichting De Einder, heeft begrip voor het dilemma waarmee psychiaters geconfronteerd worden, maar stelt dat de belangen van de persoon met de doodswens centraal zouden moeten staan. ‘Ik begrijp dat psychiaters het moeilijk vinden een patiënt te helpen sterven. Dat hoeven ze van mij ook niet. Maar ze moeten mensen wel de mogelijkheden laten om hun eigen keuze te maken en hun niet de mogelijkheden ontnemen, bijvoorbeeld door dwangopname als ze een doodswens uiten. Alleen de persoon zelf kan uiteindelijk beslissen of het leven nog draaglijk is of niet. Daar is te weinig aandacht voor. ’

Ook Ineke de Vries meent dat van belang is om het gesprek aan te gaan met de patiënt over diens eigen visie op de kwaliteit van leven. 'Het gesprek moet niet alleen gevoerd worden vanuit de medische invalshoek en vanuit de vraag naar behandelbaarheid. Juist bij een doodswens gaat het ook om existentiële vragen, om zelfbeschikking en de eigen visie van de persoon om wie het gaat op de draaglijkheid van het leven. Het is cruciaal of iemand zelf nog zingeving en perspectief ervaart of dat duurzaam verloren heeft en om die reden verder leven ondraaglijk en zinloos is gaan vinden.'

Meer kijken, luisteren en lezen

Paulien Boogaard, programmamedewerker van het Humanistisch Verbond, schreef een uitgebreid verslag van de paneldiscussie. Op het DocBlog 'Mag ik dood?' vindt u ook een gefilmd verslag van de bijeenkomst in Apeldoorn.

Gepubliceerd: 24-06-2008

Nieuws