Humanistisch Verbond op Twitter Humanistisch Verbond op Facebook Humanistisch Verbond op YouTube

Zoeken

Rouvoet, mensenrechten en humanisme

André Rouvoet geeft een interview in 'NRC Handelsblad' van 26 juli zijn visie op de relatie tussen geloof en politiek. Hij is boos op de 'liberalen' en de 'seculiere intolerantie' en vergelijkt zijn eigen optreden met dat van humanisten. Hij claimt het recht om zijn orthodoxe geloofsovertuiging mee te nemen in de dagelijkse politiek. Ik denk dat hij met dat laatste gelijk heeft. Een levensovertuiging heeft invloed op politieke standpunten. Wie op ChistenUnie (CU) stemt en met de CU gaat regeren, weet waar hij aan toe is.

Rouvoet stelt in het NRC-artikel: 'De intolerantie komt van de seculiere meerderheid in dit land die politieke opvattingen buiten de orde verklaart, omdat ze voortkomen uit een bepaalde geloofsovertuiging'. Hij betoogt dat in een pluriforme samenleving, geloofs- en levensovertuigingen gelijke rechten moeten hebben in het politieke en publieke domein. Ook ik vind dat levensovertuigingen gelijke rechten moeten hebben en voor zover ik het begrijp, is dat precies waar seculariteit over gaat. In een seculiere samenleving heeft ieder de vrijheid zijn eigen levensvisie aan te hangen. Geen enkele seculier dwingt een streng Christen zijn geloof af te zweren, een ander geloof aan te nemen of ongelovig te worden. Het enige wat een seculiere meerderheid verbiedt, is religieuze dwang richting diegenen die deze religie niet delen. De oppositie tegen de ChristenUnie komt dan ook niet voort uit het feit dat religie geen plek mag hebben in het publieke of politieke debat, maar uit het feit dat religieuze argumenten niet voor iedereen overtuigend zijn.

Rouvoet markeert vervolgens een overeenkomst tussen zijn geloofsovertuiging en het humanisme.

De overeenkomst is volgens hem dat beide overtuigingen even 'bovenrationeel' zijn. De één gelooft in de bijbel, de ander in de wetenschap, maar in beide gevallen baseert men zich op 'het gezag van anderen'. Nog los van het feit dat humanisme meer omvat dan de wetenschap, is de vooronderstelling dat wetenschap een geloof zou zijn wel erg kort door de bocht.

Wetenschap is ten eerste niet bovenrationeel en ten tweede niet gebaseerd op gezag. Het interessante aan wetenschap – en het verschil met geopenbaarde religies - is nu juist dat inzichten open staan voor kritiek en twijfel (zelfs de voornaamste voorwaarde om voor wetenschap door te gaan) en dat argumentaties navolgbaar moeten zijn. Wetenschap heeft een zelfcorrigerend vermogen juist omdat gezagsargumenten en bovenrationele aannamen geen geldigheid hebben.

Wetenschap en religie zijn niet soortgelijke vormen van geloof maar fundamenteel andere opvattingen over kennisverwerving. De een gaat uit van experimenteren, beargumenteren en groeiend inzicht, de ander gaat uit van openbaring en interpretatie van openbaring. Humanisten hechten voor wat betreft kennisverwerving sterke waarde aan de wetenschappelijke methode en menen dat de geschiedenis uitwijst dat de wetenschappelijke methode betrouwbaarder is dan een goddelijke openbaring. Het staat uiteraard een ieder vrij om in zijn eigen leven de weg van het geloof te kiezen. Het staat religie echter niet vrij anderen de weg van de wetenschap te ontzeggen, zoals in het geval van embryonale selectie, zonder daar argumenten voor aan te leveren die ook voor niet religieuzen overtuigend zijn.

Een ander punt betreft de mensenrechten. Humanisten hebben volgens Rouvoet – een terecht punt – ook 'diepste overtuigingen, levensbeschouwelijke uitgangspunten, die zij niet willen opgeven’.‘Zij baseren zich bijvoorbeeld op de universele mensrechten’. Elders in het interview zegt hij: ‘Als je je beroept op de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens en van mening bent dat die niet ter discussie gesteld mag worden, dan is dat net zo goed een dogma.’ Met andere woorden, waar de ChristenUnie de bijbel als basis neemt, nemen humanisten de mensenrechten als basis en zijn hierin – net als ChristenUnie ten opzichte van de bijbel – dogmatisch.

Het is waar dat de mensenrechten en de Universele Verklaring bij uitstek humanistische waarden vertegenwoordigen. Het betreft hier echter waarden die gedeeld worden door talloze levensovertuigingen. Hun basis ligt in de ervaring die de mensheid door zijn vaak gewelddadige geschiedenis heeft opgedaan. Het gaat hier niet om humanistische dogma’s maar om een breed gedeeld gevoel van menselijke waardigheid, resulterend in afspraken die mensen van verschillende pluimage als bindend ervaren en juridisch hebben vastgelegd. Gelukkig hebben mensen het vermogen met elkaar dit soort afspraken te maken, humanisten hechten bijzonder belang aan dit vermogen. Niet iedereen heeft dogma’s nodig om ergens bijzondere waarde aan te hechten.

Natuurlijk mag de CU in het publieke en politieke debat de eigen opvattingen uiten en met bijbelse verwijzingen staven. Een seculiere samenleving biedt hier gelukkig de ruimte voor. Maar naar mijn mening moeten religieuze opvattingen niet via overheidsbeleid aan andere burgers worden opgedrongen. Als men wil dat beleid gebaseerd op een geloofsovertuiging voor de gehele bevolking zou moeten gelden, dient dat democratisch te worden beargumenteerd.
Waar religieuze uitgangspunten de test van kritisch debat niet doorstaan, is dit geen seculier fundamentalisme maar een gebrek aan overtuigingskracht. Het verwerpen van basale uitgangspunten die door een ruime meerderheid van de burgers en van de volksvertegenwoordigers worden gedeeld, heeft onvermijdelijk gevolgen voor de politieke positie van de partij. Dat Rouvoet die uitgangspunten humanistische overtuigingen noemt, beschouw ik als een compliment.

Rein Zunderdorp
Gepubliceerd: 26-08-2008

Over humanisme