Humanistisch Verbond op Twitter Humanistisch Verbond op Facebook Humanistisch Verbond op YouTube

Zoeken

Universele Verklaring van de Rechten van de Mens

'''De Universele Verklaring van de Rechten van de Mens, die in 1948 door de lidstaten van de Verenigde Naties werd aangenomen, is een mijlpaal in de geschiedenis van de mensheid.
Voor het eerst werden mensenrechten internationaal gedragen en vastgesteld. Voorheen waren de rechten van de mens een nationale kwestie.'''

Vrijheid, Gelijkheid en Broederschap

Het denken in termen van universele mensenrechten was echter niet nieuw. De wortels van de ideeën van menselijke redelijkheid, gelijkheid en democratie vinden we al in de klassieke oudheid. In de Renaissance kreeg het denken over individuele vrijheid en zelfbeschikking een impuls door politieke filosofen als Hobbes, Locke en Rousseau. Dankzij de Franse en Amerikaanse revoluties werd de macht van de staat ingebonden en kregen de vrijheidsrechten van de burgers een grondwettelijke vorm. In 1776 in Amerika met de Declaration of Independence en de Bill of Rights, en in 1789 in Frankrijk met de ''Declaration des droits de l’homme et du citoyen'' . Andere landen, zoals Nederland, volgden deze landen en pasten hun grondwet aan. Er was echter nog geen sprake van een universeel mensenrechtenconcept. Mensenrechten bleven een nationale aangelegenheid.

Internationalisering van de mensenrechten

In de negentiende eeuw vinden we de eerste aanzetten om tot een beschrijving van onvervreemdbare rechten van de mens te komen die de nationale grenzen overstijgen.Internationale erkenning van mensenrechten zou namelijk leidden tot controle op de staat en bescherming van de vrijheid van de burger. Een aantal successen op het gebied van mensenrechten in de negentiende en begin twintigste eeuw waren de afschaffing van de slavenhandel en slavernij en de opname van oorlogsregels in het internationale recht. Na de Eerste Wereldoorlog werd de eerste intergouvernementele organisatie opgericht om internationale vrede en veiligheid te beschermen: De Volkenbond. De deelnemende staten hadden echter veel ruimte om beslissingen te blokkeren. Dit kwam de slagvaardigheid van de Volkenbond niet ten goede. In 1939 brak de Tweede Wereldoorlog uit.

Institutionalisering mensenrechten

Door de gruwelijkheden van de Tweede Wereldoorlog wilde de internationale gemeenschap universele mensenrechten institutionaliseren. De Verenigde Naties (VN) die in 1945 als opvolger van de Volkenbond was opgericht om wereldvrede te bewaken, stelde in 1946 een commissie ‘mensenrechten’ in.
Op 10 december 1948 werd de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens (UVRM) aangenomen door de meeste lidstaten van de VN. De UVRM heeft een sterke morele waarde, maar is niet juridisch bindend. Bij de uitwerking en verankering van de universele mensenrechten in internationaal juridisch bindende verdragen is er een onderscheid gemaakt tussen twee categorieën of generaties mensenrechten:

  • In het Internationaal Verdrag inzake Burger en Politieke rechten (1966) is de eerste categorie rechten, zoals het recht op vrijheid van meningsuiting, het recht op vrijheid van godsdienst en stemrecht, verankerd.
  • De tweede categorie mensenrechten, waaronder het recht op werk, op sociale zekerheid en op onderwijs vallen, is uitgewerkt in het Internationaal Verdrag inzake Economische, Sociale en Culturele Rechten (1966). Er wordt tegenwoordig ook over een derde categorie mensenrechten gesproken - namelijk over de collectieve rechten die uitgaan van het recht van een groep op bijvoorbeeld vrede, gezond milieu en ontwikkeling.

Lees verder op de website over de UVRM op de website van de Verenigde Naties.

Gepubliceerd:13-02-2009

Webdossiers