De bescherming van de persoonlijke levenssfeer is een burgerrecht en een mensenrecht. Deze rechten zijn niet voor niets ingesteld, ze beschermen uiteindelijk de vrijheid van burgers ten opzichte van de overheid en andere partijen. Het Humanistisch Verbond maakt zich zorgen over het feit dat deze burgerrechten zo gemakkelijk aan de kant worden gezet. Meer schendingen van privacy betekent niet automatisch meer veiligheid, het betekent ook meer kwetsbaarheid voor individuen.
Het Humanistisch Verbond agendeert het thema privacy, omdat zij vindt dat er te weinig zicht is op het nut en de wenselijkheid van het verzamelen en doorzoeken van persoonsgegevens. In Nederland zijn de laatste jaren nieuwe wetten gemaakt die inlichtingen- en veiligheidsdiensten meer mogelijkheden geven om gegevens uit externe databases te verkrijgen en te verbinden (uw telefoon en internetgedrag bijvoorbeeld). De doelstelling hiervan is om verdachte gedragingen snel in het oog te krijgen. De vraag is of Nederland op deze manier echt veiliger wordt. Wie weet wat van ons? Wat gebeurt er met onze persoonsgegevens? En is privacy geen belangrijke waarde?
Niet alleen veiligheidsdiensten zijn in uw gegevens geïnteresseerd, ook allerlei andere instanties, commerciële instellingen bijvoorbeeld. Wat u doet, hoe u reist, wat u op internet opzoekt, wat u koopt, wanneer u geboren bent, waar en hoe u woont, wanneer u welke boodschappen doet. Bij elkaar gevoegd en gecombineerd leveren deze gegevens een aardig beeld van uw leven op. Maar wie mag wat van ons weten? En zijn onze persoonsgegevens niet in eerste instantie van onszelf?
Aan de hand van de volgende onderwerpen kunnen we privacy en de humanistische visie daarop nader onderzoeken.
Wettelijk gezien gaat het bij privacy over:
Moreel gezien gaat privacy over het recht om in vrijheid te kunnen leven zonder ongewenste controle door anderen. De eerste officiële formulering van privacy is het recht om met rust gelaten te worden. Privacy is een bijzonder breed begrip dat met talloze andere waarden samenhangt. Belangrijk zijn vrijheid, zelfbeschikking en vertrouwen.
De wereld schrok op door de aanslagen van 11 september 2001. In de behoefte aan veiligheid zijn een groot aantal overheidsmaatregelen genomen die het mogelijk maken om burgers beter in de gaten te houden. Het gaat dan bijvoorbeeld over het verzamelen van communicatiegegevens (internet, telefonie) en het doorzoeken van deze gegevens op mogelijk verdachte gedragingen (profiling en datamining).
Niet alleen potentiële terroristen worden gecontroleerd, maar iedereen. Daarbij wordt de zogenoemde sleepnet-methode gebruikt waarbij zoveel mogelijk gegevens worden verzameld. Er zijn kritische vragen te stellen bij deze maatregelen. Zijn ze wel effectief? Hoever mag de overheid gaan in het controleren van burgers? Welke gegevens gaan ook naar andere overheden? Wat te doen als er fouten in je gegevens staan? Hoe lang worden gegevens bewaard? En willen we dit eigenlijk wel?
Hoewel je het misschien niet zou verwachten, de Nederlandse overheid maakt erg graag gebruik van de controlemaatregelen. In 2003 kende Nederland na Italië het hoogste aantal telefoontaps van Europa en de VS. Van de 28 Europese landen staat Nederland in 2007 op de 21e plek waar het de bescherming van privacy betreft, en valt daarmee in de categorie systematic failure to uphold safeguards. Nederland doet het slecht vanwege het veelvuldig afluisteren van telefoons, het volgen van internetverkeer, het lang bewaren van communicatiegegevens en de inmiddels in werking gestelde plannen voor het biometrisch paspoort.
Uit een rapport gemaakt in opdracht van het Ministerie van Binnenlandse Zaken Data voor Daadkracht, blijkt dat het verzamelen van gegevens voor opsporingsdoelen inefficiënt, ondoelmatig en niet proportioneel is. Zo is de samenwerking tussen overheidsapparaten slecht, is er geen centrale aansturing en is de veiligheid van de gegevens niet gegarandeerd. Of de gegevensverzameling tot meer opsporing van terroristen en criminelen leidt, is onbekend en wordt nauwelijks onderzocht.
Naast de behoefte aan veiligheid zijn de technologische mogelijkheden ook veel groter dan voorheen. Denk aan het biometrisch paspoort, het elektronisch kinddossier, het elektronisch patiënt dossier en intelligente cameras (die bijvoorbeeld verdachte personen en nummerborden herkennen), RFID chips die in producten en mensen geplaatst kunnen worden en die op afstand leesbaar zijn (in ons paspoort en de OV-chip). Ook technologieën die niet bedoeld zijn voor het vergroten van de veiligheid zoals voor rekeningrijden en de OV-chip leveren een verzameling van persoonsgegevens op (je rijgedrag). In plaats van het vergroten van onze veiligheid brengen al deze technologieën ook nieuwe veiligheidsrisicos met zich mee. Voor de producenten en technici moeilijk in te schatten, voor bewindslieden nauwelijks, voor de burger vrijwel niet. Het gaat hier om technologische mogelijkheden waar je als burger veelal geen eigen keuze in hebt, die nieuw en kwetsbaar zijn en die qua efficiëntie en doelmatigheid vaak worden overschat.
Zowel de nieuwe technologische mogelijkheden als de extra behoefte aan veiligheid zetten privacy onder druk. Het is daarom tijd opnieuw na te denken over de waarde van privacy en een goede balans te vinden tussen de verschillende doelen die we als samenleving nastreven.
Privacy betekent dat niet zomaar bekeken, gecontroleerd en gevolgd wordt in je persoonlijke doen en laten. Informatie over wie je bent, wat je doet, hoe, waarheen en wanneer je reist, welke websites je bezoekt en zo voort, wil je niet altijd met iedereen delen. Je wil op zijn minst zelf bepalen met wie we deze informatie deelt.
Privacy is een voorwaarde om vertrouwelijke relaties met anderen te kunnen onderhouden. Deze vertrouwelijke relaties maken het mogelijk je diepste gedachten en emoties te delen zonder schaamte of het gevoel te hebben dat iemand meeluistert of meekijkt. Privacy betekent dat we mogelijk kwetsbare informatie over onszelf alleen delen met mensen die we kiezen. Deze vrije ruimte hebben mensen nodig om zichzelf te ontwikkelen, te experimenteren met gedachten en ideeën, na te denken over wie ze zijn en willen zijn. Ook als deze gedachten, idealen en ideeën afwijken van wat gepast, gewenst of normaal is. Deze vrijheid, deze zeggenschap en dit vertrouwen is voor het humanisme erg belangrijk.
In ons rechtssysteem is het gelukkig zo geregeld dat je vrijheid kan worden beperkt als je criminele of terroristische handelingen pleegt. Maar wie we zijn, hoe we eruit zien, wat onze levensovertuiging of politieke voorkeur is, hoe en wat we denken, al deze dingen gaan alleen onszelf aan. `
Toch zijn veel instanties juist hierin geïnteresseerd. Gewone handelingen en manieren van denken worden gezien als indicatie voor ons toekomstige handelen. En daarom worden allerlei gegevens verzameld en doorzocht op potentieel verdachte combinaties. Het HV zet grote vraagtekens bij deze methode. Willen we wel een samenleving waarin iedereen potentieel verdacht is? Is ons gedrag wel op deze manier voorspelbaar te maken? Vinden we het wel rechtvaardig dat bepaalde groepen al bij voorbaat extra potentieel verdacht zijn? Hoe zit het met het principe van gelijkheid? En het idee dat je onschuldig bent totdat het tegendeel is bewezen?
Het Humanistisch Verbond wil geen overdreven angstbeelden oproepen over het mogelijke misbruik van persoonsgegevens. De Nederlandse overheid is betrouwbaar en is dat al een hele tijd. Juist omdat de overheid betrouwbaar is en wil blijven, hebben burgers het recht inzage te krijgen in de manier waarop met hun privacy wordt omgegaan. Burgers moeten kunnen controleren of overheidsmaatregelen rechtvaardig, doelmatig en efficiënt zijn.
Onze vragen rondom privacy hebben niet alleen met veiligheids- en inlichtingen diensten te maken.
Persoonsgegevens zijn waardevol voor allerlei derden, soms goedbedoeld, soms minder goedbedoeld.
De wetgeving op het gebied van privacy is niet altijd goed toegesneden op nieuwe communicatie- en informatiesystemen. Het is goed om ons bewust te zijn van het feit dat onze persoonsgegevens interessant kunnen zijn. Het HV wil ook aan deze bewustwording mee helpen.
Veel mensen vinden het eigenlijk niet zo erg dat hun persoonsgegevens bij anderen bekend zijn. Ze hebben immers niets te verbergen, en als het helpt bij het opsporen van criminelen en terroristen, wat kan er dan op tegen zijn? Voor een deel klopt dit argument; veel mensen hebben niets te verbergen. Het is echter ook een onzuiver argument.
Het Humanistisch Verbond wil mensen bewust maken van de veranderingen op het gebied van privacy. Deze bewustwording is heel concreet (om welke feiten gaat het, welke wetten en nieuwe technologieën zijn er?) maar ook meer filosofisch, politiek en moreel van aard. Wat betekent privacy en waarom is privacy belangrijk? Wat heeft privacy te maken met de relatie tussen de overheid en burgers? Wat heeft privacy met vrijheid en autonomie te maken?
Als laatste en niet minst belangrijke is het gevoel van privacy een persoonlijke ervaring. Privacywetgeving bestaat niet omdat privacy nu eenmaal belangrijk is, maar omdat burgers in de loop van de geschiedenis privacy als belangrijk zijn gaan ervaren. Pas als we zelf nadenken over privacy kunnen we ons een goed oordeel vormen en beseffen wat privacy voor ons betekent.
Het Humanistisch Verbond wil:
Geschreven door Esther Wit: programma-medewerker Humanistisch Verbond, Maatschappelijke Discussie.
Gepubliceerd:13-02-2009